Zambezi-zaak: OM kan Bonairiaanse politici Booi en Elhage niet verder vervolgen

De Hoge Raad heeft het cassatieberoep dat het Openbaar Ministerie had ingesteld tegen de gedeeltelijke niet-ontvankelijkverklaring  in de vervolging van de Bonairiaanse politici Booi en Elhage verworpen. Daarmee zijn zij definitief van de zaak af. Booi  en Elhage werden beschuldigd van valsheid in geschrifte, witwassen en ambtelijke corruptie (zogenoemde Zambezi-zaak). Vanwege onvoldoende bewijs werden de zaken geseponeerd en kregen Booi en Elhage bericht van het OM dat zij niet verder zouden worden vervolgd. Op bevel van het Gemeenschappelijk Hof is het OM alsnog tot vervolging overgegaan. Daarin heeft het Gemeenschappelijk Hof het OM grotendeels niet ontvankelijk verklaard. Tegen die beslissing is het beroep in cassatie gericht. De Hoge Raad oordeelt dat volgens het wetboek van strafvordering van de BES-eilanden na een bericht van niet verder vervolgen – anders dan volgens het Nederlandse wetboek van strafvordering - alleen nog mag worden vervolgd als er sprake is van nieuwe feiten.  En dat was niet het geval, waarmee het beroep van het OM wordt verworpen.

 

Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF