Werkstraf voor het uitzetten van fazanten in de vrije natuur en het voorhanden hebben van een wapen en munitie

Rechtbank Assen 28 december 2012, LJN BY7449 Verdachte heeft op 21 oktober 2011 een aantal fazanten in de vrije natuur uitgezet (overtreding van een voorschrift gesteld bij of krachtens artikel 13, eerste lid, van de Flora- en faunawet, opzettelijk begaan, strafbaar gesteld bij artikel 6 van de Wet op de economische delicten en overtreding van een voorschrift gesteld bij of krachtens artikel 14, eerste lid, van de Flora- en faunawet, opzettelijk begaan, strafbaar gesteld bij artikel 6 van de Wet op de economische delicten).

De rechtbank neemt het verdachte zeer kwalijk dat hij zich als jager niet aan de geldende regelgeving heeft gehouden, die strekt tot de bescherming van inheemse diersoorten. Van verdachte - reeds jaren in het bezit van een jachtakte - mag worden verwacht dat hij zorgvuldig omgaat met de fauna, aldus de rechtbank. Daarnaast heeft verdachte munitie en een geluiddemper voorhanden gehad in strijd met de wet wapens en munitie.

De rechtbank laat bij de bepaling van de hoogte van de straf meewegen dat de media grote aandacht voor deze zaak hebben (gehad) en dat het onderzoek groot naar buiten is gebracht als vergiftiging van roofvogels en andere predatoren. Verdachte werd hiermee uitdrukkelijk in verband gebracht. Deze media-aandacht heeft nog steeds grote impact op verdachte. De rechtbank stelt vast dat de officier van justitie deze feiten (in welke vorm dan ook) niet aan verdachte heeft tenlastgelegd.

De rechtbank is van oordeel dat een werkstraf voor de duur van 40 uren passend en geboden is.

 

Lees hier de volledige uitspraak.

Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF