Vrijspraak medeplegen oplichting Holland Casino: uitwisselen van kaarten geen bewijs voor tot stand brengen winnende combinaties leidend tot winstuitkering

Gerechtshof Amsterdam, 21 januari 2015, ECLI:NL:GHAMS:2015:858

Op 20 mei 2014 is de verdachte samen met medeverdachte 1, 2 en 3 naar het Holland Casino te Amsterdam gegaan, alwaar de verdachte en medeverdachten medeverdachte 1 en 2 hebben deelgenomen aan het spel Multi poker. Tussen 21.03 uur en 21.20 uur heeft de verdachte vragen gesteld aan de croupier vrijwel iedere keer direct nadat de kaarten in het spel waren gebracht door de croupier. Kort daarvoor keken medeverdachten 1 en 2 in elkaars kaarten en kort na dan wel tijdens het stellen van de vragen door de verdachte wisselden ze onderling onder tafel kaarten. Medeverdachte 3 ontnam het zicht op deze handelingen door tijdens het wisselen van de kaarten tussen medeverdachte 1 en medeverdachte 2 in te gaan staan, zodat niet was te zien dat er vals werd gespeeld.

De verdachte is ten laste gelegd het medeplegen van oplichting van Holland Casino.

Oordeel gerechtshof

Uit de nauwe samenwerking tussen verdachte en zijn medeverdachten leidt het hof af dat er sprake is van medeplegen. De door de verdachte en zijn medeverdachten in gezamenlijkheid uitgevoerde handelingen, namelijk het in strijd met de spelregels heimelijk wisselen van kaarten, kunnen worden aangemerkt als listige kunstgrepen.

De tenlastelegging bevat echter als essentieel onderdeel dat door dit (uit)wisselen van kaart(en) (telkens) (een) winnende combinatie werd verkregen waardoor (een medewerker van) Holland Casino (telkens) werd bewogen tot afgifte van enig goed.

Naar het oordeel van het hof kan niet worden bewezen dat door het uitwisselen van kaarten door medeverdachte 1 en 2 inderdaad winnende combinaties tot stand zijn gebracht die tot winstuitkeringen hebben geleid, nu uit het dossier niet blijkt wat de redenen zijn geweest voor het uitkeren van winst. Niet is in het dossier beschreven – en ook niet te zien op de zich in het dossier bevindende camerabeelden – welke kaarten medeverdachten 1 en 2 zelf gedeeld hadden gekregen en hoeveel kaarten en welke kaarten er (telkens) werden gewisseld. Door het ontbreken van deze informatie kan niet worden vastgesteld dat het uitwisselen van kaarten tussen medeverdachte 1 en 2 tot winnende combinaties heeft geleid, waardoor croupier werd bewogen tot het doen van winstuitkeringen in de vorm van afgifte van fiches.

Nu naar het oordeel van het hof dit essentiële onderdeel van de tenlastelegging niet wettig en overtuigend is bewezen, dient verdachte van het hem tenlastegelegde te worden vrijgesproken.

Het hof merkt daarbij op dat volgens vaste rechtspraak de bewijsminima gelden ten aanzien van de gehele tenlastelegging en niet ten aanzien van elk onderdeel afzonderlijk.

Lees hier de volledige uitspraak.

Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF