Veroordeling voor oplichting Holland Casino bij poker. Sprake van ‘vals spel’. Bestanddeel ‘bewegen tot’ in artikel 326 Sr.

Rechtbank Amsterdam 14 augustus 2014, ECLI:NL:RBAMS:2014:5286

Na het delen leidde één van de mannen de croupier af, terwijl twee anderen onder tafel kaarten uitwisselden en de vierde het geheel als toeschouwer afschermde. Op deze manier wisten zij winnende combinaties te verkrijgen, waardoor het casino moest uitkeren.

Standpunt van de verdediging

Ter terechtzitting heeft de raadsvrouw van verdachte  aangevoerd dat de in de tenlastelegging genoemde gedragingen, op de gedraging van het uitwisselen van kaarten na, niet kwalificeren als oplichtingsmiddelen. Bovendien is geen sprake van samenspel. De stelling, dat kaarten zouden zijn uitgewisseld, is gebaseerd op aannames, nu dit niet daadwerkelijk op de camerabeelden is te zien en er geen getuige ter plaatse was. Ten slotte heeft de raadsvrouw gesteld dat, zo er al kaarten zouden zijn uitgewisseld, niet valt vast te stellen of dit heeft geleid tot winstuitkeringen. De raadsvrouw concludeert tot vrijspraak van het onder 1 en 3 ten laste gelegde.

Oordeel rechtbank

Amsterdam

In de aangifte van 21 mei 2014 heeft  20 mei 2014 bij Multi Poker.

Een verbalisant van de politie heeft de bewakingsbeelden uitgekeken en in het proces-verbaal dienaangaande beschrijft hij dat op de beelden is te zien is dat op 20 mei 2014 te 18.41 uur medeverdachte 1, samen met verdachte het Holland Casino binnenkomt en dat zij inchecken met valse identiteitsbewijzen. Om 18.45 uur komt medeverdachte 2 samen met medeverdachte 3 binnen. Medeverdachte 2 identificeert zich met een valse identiteitskaart. Medeverdachte 3, medeverdachte 2, verdachte en medeverdachte 1 lopen een paar minuten rond en verlaten vervolgens het Holland Casino. Vastgelegd is dat verdachte en medeverdachte 1 dit kort na elkaar doen. Dezelfde avond om 20.36 uur betreedt medeverdachte 3 het Holland Casino opnieuw. Verdachte en medeverdachte 1 volgen om 20.38 uur en medeverdachte 2 om 20.40 uur.

Om 21.00 uur nemen medeverdachte 3, verdachte en medeverdachte 2 plaats aan een pokertafel waar Multi Poker wordt gespeeld. Medeverdachte 3 neemt in eerste instantie plaats op box 2, maar gaat enkele minuten later op box 1 zitten. Verdachte neemt plaats op box 6. Medeverdachte 2 neemt plaats op box 7. Medeverdachte 1 neemt niet deel aan het spel, maar staat achter de spelers.

De verbalisant beschrijft dat op de beelden het volgende is te zien. De croupier deelt om 21.02 uur de kaarten. Verdachte en medeverdachte 2 hebben daarna contact met elkaar en kijken in elkaars kaarten. Medeverdachte 3 stelt vervolgens vragen aan de croupier. Verdachte en medeverdachte 2 plaatsen daarop beiden een hand onder de pokertafel. Op dat moment stapt medeverdachte 1 tussen box 6 en box 7. Verdachte en medeverdachte 2 leggen vervolgens hun kaarten op de pokertafel. Nadat de winst aan verdachte is uitgekeerd, stapt medeverdachte 1 weg. De verbalisant constateert deze handelswijze nog acht keer tussen 21.03 uur en 21.20 uur. Uit de aangifte blijkt dat in totaal €5.120 wordt uitbetaald.

De croupier heeft verklaard dat ook zij op enig moment zag dat box 6 en box 7 in elkaars kaarten keken en dat beide handen onder tafel waren. Bovendien heeft zij verklaard dat de persoon op box 1 haar nagenoeg bij iedere hand een vraag heeft gesteld.

De rechtbank is van oordeel dat voornoemde gedragingen van de verdachten naar hun uiterlijke verschijningsvorm kunnen worden aangemerkt als te zijn gericht op ‘vals spel’.

De rechtbank overweegt hiertoe als volgt.

De verdachten hebben verklaard samen met vakantie te zijn in Amsterdam. Desondanks betreden zij het Holland Casino kort na elkaar en ieder afzonderlijk in plaats van gezamenlijk.

Vervolgens kijken de verdachten aan de pokertafel in elkaars kaarten. Dit herhaalt zich gedurende negen handen. De rechtbank verwerpt het verweer van verdachte dat er niets vreemds aan is om bij je vriend in de kaarten te kijken en dat iedereen dat doet. Zoals het Holland Casino beschrijft in de aangifte, dienen spelers volgens de spelregels hun kaarten zo te houden dat andere spelers niet kunnen meekijken. Voorts acht de rechtbank het een feit van algemene bekendheid dat spelers gedurende kaartspellen, en die waarbij geld de inzet is in het bijzonder, niet in elkaars kaarten mogen kijken. Daar doet niet aan af dat de spelers tegen de croupier en niet tegen elkaar spelen.

Medeverdachte 2 en verdachte houden tegelijk hun linkerhand onder tafel. Op grond van het feit dat medeverdachte 2 en verdachte gedurende negen handen op hetzelfde moment in het spel tegelijk hun hand onder tafel houden acht de rechtbank de conclusie van aangever persoon 2 en de verbalisant, dat verdachten op dat moment een kaart onder tafel houden, aannemelijk.

Het is spelers uitdrukkelijk niet toegestaan om een kaart onder tafel te houden. Immers, de aangever beschrijft dat het volgens de spelregels een speler niet is toegestaan om kaarten buiten of onder de speeltafel te houden. Kaarten dienen te allen tijde boven de tafel te blijven en wel zo dat andere spelers niet kunnen meekijken. Alleen de box-houder en de croupier mogen aan de kaarten komen. De rechtbank verwerpt het verweer van verdachte dat de spelregels niet in het casino zijn aangeplakt. Van spelers in het casino mag worden verwacht dat zij zich op de hoogte stellen van de spelregels. Daarbij komt dat de rechtbank deze spelregels niet zodanig verrassend acht, dat die door Holland Casino op de door verdachte voorgestane wijze bekend moeten worden gemaakt. Dit geldt temeer nu uit het dossier blijkt dat verdachte een ervaren, zo niet verslaafde, gokker is. Bovendien heeft verdachte bij de rechter-commissaris verklaard dat hij op de hoogte was van de spelregels van het pokeren met vijf kaarten.

Ondertussen trekt één van de verdachten aan de andere kant van de tafel bij nagenoeg iedere hand de aandacht van de croupier en gaat een andere verdachte elk van die acht keer zo staan dat het zicht op de handen van de verdachten wordt belemmerd.

De rechtbank acht het, gelet op het zich herhalende patroon van de gedragingen van de vier verdachten, waarvan een aantal gedragingen in strijd met de spelregels zijn, aannemelijk dat verdachte en medeverdachte 2, terwijl zij hun handen onder tafel hielden, kaarten uitwisselden, en dat medeverdachte 3 en medeverdachte 1 hebben geprobeerd te zorgen dat dit niet zou worden ontdekt.

De rechtbank is van oordeel dat, gelet op ieders rol, met name de positionering van de verdachten rond de pokertafel en de herhaaldelijke gelijktijdigheid van de gedragingen, het niet anders kan zijn dan dat verdachten door onderlinge afstemming een vooropgezet plan tot vals spelen hadden.

De gedragingen van verdachte, te weten het binnengaan in het Holland Casino met een vals identiteitsbewijs, plaatsnemen op box 6 aan de tafel waar Multi Poker wordt gespeeld, het uitwisselen van kaarten met medeverdachte 2, kunnen dan ook naar hun uiterlijke verschijningsvorm worden aangemerkt als te zijn gericht op het door verdachte medeplegen van vals spel. Door aldus te handelen heeft verdachte naar het oordeel van de rechtbank een zodanig significante bijdrage geleverd dat sprake is van een bewuste, nauwe en volledige samenwerking tussen de verdachte en zijn mededaders die was gericht op het vals spelen.

De rechtbank overweegt ten slotte dat deze gedragingen tezamen genomen gekwalificeerd kunnen worden als oplichtingsmiddel, te weten listige kunstgrepen, met als doel om Holland Casino te bewegen een bepaalde gedraging te verrichten, te weten het uitkeren van winst.

Rotterdam

In de aangifte van 1 januari 2012 heeft persoon 3 namens Holland Casino in Rotterdam aangifte gedaan van oplichting gepleegd op 27 november 2011 bij Caribbean Stud Poker.

Een verbalisant van de politie heeft de bewakingsbeelden uitgekeken en in het proces-verbaal dienaangaande beschrijft hij dat op de beelden is te zien dat op 27 november 2011 te 16.26 uur persoon 4 het Holland Casino binnenkomt en incheckt. Om 16.27 uur komt medeverdachte 1 binnen. Om 16.31 uur komt verdachte binnen en om 16.40 uur betreedt medeverdachte 3 (een ander persoon dan medeverdachte 3 in de ‘Amsterdamse zaak’) het Holland Casino. Volgens het rapport registreerden zij zich allen bij dezelfde receptioniste.

Blijkens het proces-verbaal en het rapport hebben medeverdachte 3, en persoon 4 en verdachte om 16.57 uur plaats genomen aan een pokertafel waar Caribbean Stud Poker wordt gespeeld. Medeverdachte 3 heeft op box 2, persoon 4 op box 6 en verdachte op box 7 plaats genomen. Medeverdachte 1 nam niet deel aan het spel, maar stond achter box 6 en 7.

De verbalisant beschrijft dat op de beelden te zien is dat medeverdachte 1 om 17.00 uur tussen box 6 en 7 gaat staan. Om 17.01 uur deelt de croupier de kaarten. Even later plaatsen persoon 4 en verdachte beiden hun linkerhand onder de tafel, terwijl medeverdachte 1 tussen hen in staat. Vervolgens leggen persoon 4 en verdachte hun kaarten op de pokertafel.

De aangever heeft daar in de aangifte nog bij opgemerkt dat op de beelden is te zien dat medeverdachte 3 op box 2, nadat de croupier de kaarten had rondgedeeld, druk met de croupier in gesprek raakt voordat verdachte en persoon 4 hun handen onder tafel hebben.

De aangever beschrijft dat persoon 4 met de hoogste inzetten speelde. De aangever ziet op de beelden dat persoon 4 in totaal bij zeventien handen kaarten uitwisselde met verdachte. medeverdachte 1 stond daarbij telkens direct achter persoon 4 en verdachte.

In het rapport ‘Onderzoek Fraude Caribbean Stud Poker’ van 28 november 2011 van Holland Casino wordt voorts nog vermeld dat persoon 4 gedurende een periode van ongeveer twintig minuten van tafel is geweest. In die periode heeft medeverdachte 1 een aantal handjes à 10 gespeeld op de stoel van persoon 4. Er werden toen geen kaarten overgegeven, aldus het rapport. Uit het rapport blijkt dat in totaal €5.810 aan persoon 4 is uitbetaald en €190 aan verdachte in de periode tussen 17.05 uur en 19.42 uur. Om 19.19 uur heeft medeverdachte 1 €1.000 aan chips, die hij even tevoren van persoon 4 had gekregen, ingewisseld voor bankbiljetten. Om 19.44 uur heeft persoon 4 voor €4.000 aan chips ingewisseld voor bankbiljetten. Om 19.45 uur heeft verdachte voor €360 aan chips ingewisseld voor bankbiljetten. Om 19.51 uur heeft medeverdachte 3 voor €370 aan chips ingewisseld voor bankbiljetten.

De rechtbank leidt hieruit af dat verdachte en medeverdachte 1, zij het in gewijzigde samenstelling en met een iets andere rolverdeling, op 27 november 2011 dezelfde modus operandi hebben toegepast als op 20 mei 2014 in Amsterdam.

Voor de handelingen van verdachten in Rotterdam geldt hetzelfde als de rechtbank heeft overwogen ten aanzien van de zaak in Amsterdam. Dit geldt zowel ten aanzien van de overwegingen met betrekking tot het medeplegen als de kwalificatie.

In samenhang met de in de bewijsmiddelen vermelde feiten en omstandigheden kunnen naar het oordeel van de rechtbank de gedragingen van verdachte, te weten het deelnemen aan het spel Caribbean Stud Poker, het plaatsnemen in box 7 aan de pokertafel en het samen met persoon 4 uitwisselen van kaarten, naar hun uiterlijke verschijningsvorm worden aangemerkt als te zijn gericht op het door verdachte medeplegen van vals spel.

Bestanddeel ‘bewegen tot’

Het bestanddeel ‘bewegen tot’ in artikel 326 Sr heeft betrekking op het causaal verband tussen het aanwenden van een oplichtingsmiddel, bestaande in de gedraging van de oplichter, en het resultaat, bestaande in de gedraging van de opgelichte. Er bestaat causaal verband tussen de bewezenverklaarde gedragingen – het vals spelen door de verdachten – en het ten laste gelegde gevolg – de winstuitkeringen door Holland Casino – als deze winstuitkeringen redelijkerwijs als gevolg van dit vals spelen aan de verdachten kunnen worden toegerekend.

De verdediging heeft zich subsidiair op het standpunt gesteld dat er geen bewijs is van causaal verband tussen het vals spelen en de winstuitkeringen, aangezien niet kan worden vastgesteld of Holland Casino niet hoe dan ook verplicht was om tot winstuitkering over te gaan op basis van de kaartcombinaties van de verdachten voorafgaand aan de uitwisseling van kaarten door middel van het vals spelen.

Op grond van het dossier en informatie uit openbare bronnen overweegt de rechtbank hierover als volgt en stelt vast dat er in dit verband geen relevant verschil aanwezig is tussen de spelregels van Multi Poker en Caribbean Stud Poker. Naar het oordeel van de rechtbank heeft de verdediging er terecht op gewezen dat het mogelijk is dat Holland Casino op grond van deze spelregels tot een even hoge winstuitkering zou hebben moeten overgaan, ongeacht de kaartcombinaties die de verdachten hebben gecreëerd door de uitwisseling van kaarten.

In de eerste plaats is hiervan sprake als de verdachten spelen, maar de croupier als hoogste kaartcombinatie lager heeft dan Aas en Koning. Op dat moment keert Holland Casino immers ongeacht de kaartcombinaties van meespelende spelers winst uit ter hoogte van de Ante-inzet.

In de tweede plaats is hiervan sprake als de verdachten en de croupier spelen, maar de croupier een lagere kaartcombinatie heeft dan de meespelende verdachten hadden voorafgaand aan de uitwisseling van kaarten. In dat geval had Holland Casino immers hoe dan ook winst moeten uitkeren ter hoogte van de Ante- en Bet-inzet, ongeacht de nadien eventueel gecreëerde hogere kaartcombinaties van de meespelende verdachten.

Het is op zijn minst genomen in theorie mogelijk dat alle ten laste gelegde winstuitkeringen op de door de verdediging geopperde wijze tot stand zijn gekomen. Het is echter ook zeer wel mogelijk dat deze winstuitkeringen juist geheel of gedeeltelijk zijn veroorzaakt door het vals spelen door de verdachten. Gelet hierop is naar het oordeel van de rechtbank sprake van een situatie waarin het ten laste gelegde gevolg op verschillende manieren kan zijn veroorzaakt en dat niet zonder meer kan worden vastgesteld dat de bewezenverklaarde gedragingen in de keten van de gebeurtenissen een noodzakelijke factor zijn geweest voor het ingetreden gevolg.

Als van bovengenoemde situatie sprake is, is voor het redelijkerwijs toerekenen van het gevolg aan de verdachten ten minste vereist dat wordt vastgesteld dat hun gedragingen een onmisbare schakel kunnen hebben gevormd in de gebeurtenissen die tot dit gevolg hebben geleid en dat aannemelijk is dat dit gevolg met een aanzienlijke mate van waarschijnlijkheid door deze gedragingen is veroorzaakt. Of en wanneer sprake is van een zodanige aanzienlijke mate van waarschijnlijkheid, zal afhangen van de concrete omstandigheden van het geval. Bij de beoordeling daarvan kan als hulpmiddel dienen of in de gegeven omstandigheden de gedragingen naar hun aard geschikt zijn om dit gevolg teweeg te brengen en naar ervaringsregels van dien aard zijn dat dit het vermoeden wettigt dat ze hebben geleid tot het intreden van dit gevolg. Daarbij kan ook worden betrokken in hoeverre aannemelijk is geworden dat ten verwere gestelde andere, niet aan de bewezenverklaarde gedragingen gerelateerde oorzaken hoogstwaarschijnlijk niet tot dat gevolg hebben geleid. De rechtbank verwijst in dit verband naar het arrest van de Hoge Raad van 27 maart 2012 in de zogenoemde Groninger HIV-zaak.

De rechtbank acht het een feit van algemene bekendheid dat bij de keuze uit vijf kaarten, te weten de kaarten van elke speler afzonderlijk, de kans op een hogere kaartcombinatie dan de croupier kleiner is, dan bij de keuze uit tien kaarten, te weten de kaarten van de verdachten in box 6 en 7 samen. De rechtbank is dan ook van oordeel dat het vals spelen door de verdachten een onmisbare schakel heeft kunnen vormen in de gebeurtenissen die tot winstuitkeringen door Holland Casino hebben geleid.

Het dossier bevat evenwel geen berekening van de mate waarin de kans op een winstuitkering bij vals spel zoals eerder beschreven, wordt vergroot op grond waarvan de mate van waarschijnlijkheid van een causaal verband zou kunnen worden vastgesteld. De rechtbank is desondanks van oordeel dat voldoende aannemelijk is dat dit gevolg met een aanzienlijke mate van waarschijnlijkheid door deze gedragingen is veroorzaakt. Zoals de rechtbank hiervoor heeft overwogen zijn in de gegeven omstandigheden de bewezenverklaarde gedragingen naar hun aard geschikt om het tenlastegelegde gevolg teweeg te brengen. Bovendien zijn deze gedragingen naar ervaringsregels van dien aard dat dit het vermoeden wettigt dat ze hebben geleid tot het intreden van het gevolg.

De rechtbank overweegt voorts dat de verdachten door op deze onreglementaire wijze aan een pokerspel deel te nemen de omstandigheden in het leven hebben geroepen waarbinnen Holland Casino op grond van de door haar opgestelde spelregels verplicht was tot winstuitkeringen over te gaan. Deze winstuitkeringen zijn bovendien een redelijkerwijs te verwachten en daarmee voorzienbaar gevolg van het op deze wijze vals spelen, aangezien het risico daarop in relevante mate wordt verhoogd. Holland Casino was daarvan vooraf niet op de hoogte, zodat zij niet kan worden geacht dit verhoogde risico te hebben aanvaard. De door de verdediging geopperde, alternatieve oorzaak van slechts reglementaire winstuitkeringen is op geen enkele wijze aannemelijk geworden of onderbouwd. Geen van de verdachten verklaart dat hij ondanks het vals spelen op reglementaire wijze ook zou hebben gewonnen. Evenmin valt een dergelijke gang van zaken uit het dossier, waaronder de camerabeelden van het pokerspel, af te leiden. Het blijft dan ook bij een hypothetische stelling van de raadsvrouw. Bovendien ziet de rechtbank geen andere mogelijkheid dan dat het opzet van de verdachten juist op het verhogen van de winstuitkeringen was gericht. Een andere beweegreden is immers niet naar voren gebracht of aannemelijk te achten. Ten slotte acht de rechtbank het gelet op de hoogte, de hoeveelheid en de frequentie van de winstuitkeringen en de tijdspanne waarin deze zijn gedaan hoogst onwaarschijnlijk dat alle ten laste gelegde winstuitkeringen ongeacht het vals spelen zijn gedaan.

De rechtbank houdt er gelet op het bovenstaande wel uitdrukkelijk rekening mee dat winstuitkering op grond van de spelregels naar aanleiding van de kaartcombinaties voorafgaand aan de uitwisseling van kaarten een factor kan zijn geweest bij de totale winstuitkering aan de verdachten. Dit betekent dat de rechtbank niet de afzonderlijke ten laste gelegde geldbedragen bewezen zal verklaren, maar slechts het onbepaalde onderdeel ‘geldbedragen’. Aangezien subsidiair geen poging tot oplichting ten laste is gelegd, zal de rechtbank van de gespecificeerde winstuitkeringen vrijspreken.

Gelet op al het bovenstaande concludeert de rechtbank dat er tussen de ten laste gelegde winstuitkeringen door Holland Casino en het bewezenverklaarde vals spel door de verdachten, zowel in 2011 te Rotterdam als in 2014 te Amsterdam, een zodanig verband bestaat dat een onbepaald deel van deze winstuitkeringen redelijkerwijs aan het vals spel van de verdachten kan worden toegerekend. Bewezen kan dan ook worden dat de verdachten Holland Casino hebben bewogen tot afgifte van geldbedragen in de vorm van uitbetalingen voor winnende kaartencombinaties bij het spel Multi Poker respectievelijk Caribbean Stud Poker.

Het verweer van de raadsvrouw wordt voor het overige weerlegd door de bewijsmiddelen.

Bewezenverklaring

Feit 1 en 3: medeplegen van oplichting, meermalen gepleegd;

Feit 2: voortgezette handeling van in het bezit zijn van een reisdocument waarvan hij weet dat het vals is en opzettelijk gebruik maken van een niet op zijn naam gesteld reisdocument.

Strafoplegging

De rechtbank veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 4 maanden.

Lees hier de volledige uitspraak.

 

Zie ook:

 

Print Friendly and PDF