Van piramide naar diamant: wat AI doet met de opbouw van een strafrechtpraktijk
/In Engeland gaf de toezichthouder Solicitors Regulation Authority voor het eerst toestemming aan een organisatie die haar gereguleerde diensten volledig met AI verleent. Garfield.Law helpt kleine en middelgrote bedrijven onbetaalde rekeningen te innen en begeleidt hen door de procedure voor kleine vorderingen. Het is een van de voorbeelden die Eva Bosma gebruikt in haar keynote op het congres Wat AI vraagt van de juridische praktijk, op dinsdag 8 december 2026 in Den Haag.
Bosma is Lead Partner Data & AI bij &samhoud en kijkt als strateeg naar de sector. Haar stelling is dat AI een deel van het uitvoerende werk overneemt en dat daardoor de opbouw van een praktijk verandert, en daarmee ook het verdienmodel en de opleiding. Dit stuk legt die stelling naast de strafrechtpraktijk.
Van piramide naar diamant
De klassieke opbouw is een piramide: een brede basis van beginnende juristen die het uitvoerende werk doen, daarboven een kleinere groep ervaren medewerkers en aan de top een paar partners. Neemt AI een deel van het uitvoerende werk over, dan wordt de basis smaller. De breedste laag is dan de groep in het midden, die de uitvoer beoordeelt en de zaak stuurt. Bosma noemt dat de diamantvorm.
Wat dat in het strafrecht betekent
Veel strafrechtpraktijken zijn klein en hebben nooit een brede basis gehad. Voor hen pakt de verschuiving anders uit. Een model dat een omvangrijk dossier ordent en doorzoekbaar maakt, geeft een kleine praktijk capaciteit waarvoor tot nu toe een team nodig was.
In de financieel-economische praktijk bestaat de piramide wel. Fraudezaken worden behandeld met stagiaires en juridisch medewerkers die het dossier doorwerken, en bij het Openbaar Ministerie en de FIOD doen secretarissen en analisten vergelijkbaar voorwerk. Daar ligt de vraag voor de hand hoeveel van dat voorwerk over een paar jaar nog door mensen wordt gedaan, en waar die mensen dan voor worden ingezet. Gestandaardiseerd werk is er in het strafrecht ook, zoals het verzet tegen een strafbeschikking of een klaagschrift tegen beslag.
Een ander kostenplaatje
Volgens Bosma verschuiven de kosten van vaste overhead naar variabele technologiekosten, en ontstaat de vraag wie die betaalt. Zij wijst daarbij op AI-assistenten voor advocaten, zoals Legora, waarvan de prijsmodellen veranderen en de gebruikskosten onzeker zijn. In het strafrecht speelt die vraag op twee manieren. In de betalende praktijk wordt per uur gedeclareerd. Als een dossier in een fractie van de tijd is doorgewerkt, zijn er minder uren te declareren, terwijl de abonnementskosten van de tool erbij komen. Dat dwingt tot een gesprek met de cliënt over de prijs: per uur, of per zaak.
In toevoegingszaken ligt de vergoeding per soort zaak vast, zoals de Raad voor Rechtsbijstand toelicht. Tijdwinst blijft dan bij de praktijk, en de kosten van de tool ook. In bewerkelijke zaken worden toegekende extra uren op urenbasis vergoed, zodat minder uren daar ook een lagere vergoeding betekent. Een rekensom per type zaak is daarom nodig voordat een praktijk een abonnement afsluit. rvrofficielebekendmakingen
De opleidingsparadox
Bosma wijst op een tweede gevolg. AI automatiseert het uitvoerende werk waarmee beginnende juristen het vak leren. Wie dat werk schrapt, moet bedenken hoe de experts van over tien jaar worden opgeleid. Over die vraag gaat een apart stuk op deze site, en op het congres een eigen workshop.
Wat je op 8 december meeneemt
De keynote eindigt bij wat een praktijk nu kan doen. Bosma gaat in op het werk dat zich nog niet laat automatiseren en dat volgens haar in waarde stijgt naarmate AI het standaardwerk beter doet. Daarna maakt zij concreet welke beslissingen over talent, verdienmodel en organisatie nu al genomen moeten worden, met praktische eerste stappen.
In de workshops werkt Franka Rolvink Couzy, ook van &samhoud, twee onderdelen verder uit: de veranderende rollen en de cliëntrelatie, en het opleiden en werven. Verder staan op het programma plenaire sessies over dataveiligheid en over lokale AI als alternatief voor de cloud. Deelname kost € 599 exclusief btw en levert 6 PO/PE-punten op, waarvan 3 juridisch.
