Schending art. 8 EVRM door politie?

Rechtbank Utrecht 17 januari 2013, LJN BZ3577

De verdediging heeft zich in deze zaak op het standpunt gesteld dat de officier van justitie niet-ontvankelijk dient te worden verklaard, nu er sprake is van een ernstige inbreuk op de beginselen van een behoorlijke procesorde, waardoor doelbewust en met grove veronachtzaming van de belangen van verdachte aan zijn recht op een eerlijke behandeling van de zaak tekort is gedaan.

De politie heeft via sms-berichten contact opgenomen met verdachte. Hierbij heeft de politie zich voorgedaan als zijnde aangever. De politie is sturend opgetreden terwijl daarbij een valse hoedanigheid was aangenomen. Aldus is verdachte door de politie misleid en is hij uitgelokt tot het afleggen van een verklaring. Vervolgens zijn verdachte en diens zoon en eventueel andere personen naar een locatie gelokt.

Door de handelwijze van de politie is artikel 8 EVRM geschonden. Verdachte is hierdoor rechtstreeks in zijn belangen te weten de eerbiediging van zijn privéleven - geschaad.

Oordeel rechtbank

De rechtbank is van oordeel dat er ten aanzien van verdachte geen sprake is van schending van artikel 8 EVRM.

Door de politie is, met gebruikmaking van de telefoon van het slachtoffer, een sms-bericht gestuurd naar verdachte. Niet valt in te zien hoe de eerbiediging van het privéleven van verdachte door deze handelwijze is geschonden. De behandeling van de zaak voldoet aan de beginselen van goede procesorde, zodat de officier van justitie ontvankelijk is in haar vervolging.

Lees hier de volledige uitspraak.

Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF