Over de mogelijkheden om de bewijslast te verschuiven van klager naar verwerende staat in zaken van discriminatoir geweld voor het Europees Hof voor de Rechten van de Mens

Discriminatie bewijzen is lastig, omdat het vaak onzichtbaar is. Ook het EHRM is herhaaldelijk met bewijs perikelen op dit terrein geconfronteerd, met name bij klachten over discriminatoir geweld dat zou zijn toegebracht door overheidsfunctionarissen. Doorgaans gaat het Hof bij deze klachten na of daders vanuit een discriminatoir motief hebben gehandeld, voordat het de bewijslast doet verschuiven van klager naar verwerende staat en uiteindelijk een schending van het EVRM constateert.

In deze bijdrage wordt betoogd dat het Hof het vereiste van bewijs van discriminatoir motief dient te laten varen. Verder wordt ingegaan op de omstandigheden waaronder een bewijslastverschuiving van klager naar verwerende staat mogelijk dient te worden gemaakt, indien voor het Hof wordt geklaagd dat overheidsfunctionarissen discriminatoir geweld hebben gepleegd.

 

Lees verder:

 

Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF