Ontneming: geslaagd draagkrachtverweer. Te betalen bedrag op nihil gesteld.

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 5 oktober 2016, ECLI:NL:GHARL:2016:7961

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal, ertoe strekkende dat de beslissing van de eerste rechter wordt vernietigd, dat het hof het bedrag waarop het wederrechtelijk verkregen voordeel wordt geschat vaststelt op € 83.060,97 en dat de betalingsverplichting op nihil wordt gesteld. 

Het hof is van oordeel, dat de eerste rechter op juiste gronden heeft geoordeeld en op juiste wijze heeft beslist, zodat het vonnis waarvan beroep dient te worden bevestigd, met uitzondering van de vaststelling van de opgelegde betalingsverplichting en met verbetering van de daarop betrekking hebbende motivering.

Ten aanzien van de betalingsverplichting heeft de verdediging aangevoerd dat deze op nihil moet worden gesteld omdat de huidige en redelijkerwijs te verwachten toekomstige draagkracht van veroordeelde niet voldoende zal zijn om enig bedrag aan de Staat te kunnen betalen.

Veroordeelde is zowel zakelijk als persoonlijk failliet verklaard. Hij is 74 jaar oud en geniet geen inkomsten uit arbeid. Hij ontvangt een, wegens verblijf in het buitenland en daardoor verminderde AOW-opbouw, beperkte AOW-uitkering waarop, behoudens de beslagvrije voet, beslag is gelegd door schuldeisers van verdachte. Niet aannemelijk is geworden dat veroordeelde beschikt over een substantieel vermogen.

Ter zitting van het hof is voorts aannemelijk geworden dat nog een bedrag van ruim 1,7 miljoen euro aan vorderingen van concurrente schuldeisers open staat.

Gelet op deze omstandigheden is duidelijk dat veroordeelde nu en in de toekomst niet de draagkracht heeft en zal hebben om het vastgestelde bedrag van € 83.060,97 aan de Staat te betalen. Daarom zal de verplichting tot betaling aan de Staat ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel, conform de vordering van de advocaat-generaal en het pleidooi van de raadsman, worden vastgesteld op nihil.

Lees hier de volledige uitspraak. 

Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF