ILT verdenkt twee transporteurs Emmen van schijnconstructies

De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) heeft zaterdag 17 december bij twee transportbedrijven in Emmen een handhavingsactie gehouden. De ondernemingen worden verdacht van het werken via schijnconstructies.

Ze hebben op papier vestigingen in Polen, Moldavië of Tsjechië. Het beeld bestaat dat ze de bedrijfsvoering echter vanuit Nederland doen. De inspectie heeft diverse chauffeurs en werknemers bevraagd over de werkwijze van de ondernemingen. Ook is bedrijfsadministratie meegenomen voor nader onderzoek.

Wanneer schijnconstructies kunnen worden aangetoond, zullen inspectiediensten in de landen van vestiging worden gevraagd om nadere maatregelen te treffen. In eigen land maakt de ILT voor schijnconstructies boeterapporten en processen-verbaal op. De ingenomen administratie wordt gedeeld met de Inspectie SZW en de belastingdienst.  
De ILT vermoedt dat één bedrijf ook de cabotageregels heeft overtreden. Europese vervoerders mogen slechts beperkt goederen vervoeren binnen een andere EU-lidstaat.  

Bij acties als deze, onderzoeken de inspecties of bedrijven zich schuldig maken aan uitbuiting en/of onderbetaling van chauffeurs, illegale cabotage, schijnconstructies en werken in strijd met het vergunningstelsel voor het wegvervoer. Dat kan duidelijk worden uit de bedrijfsadministratie. Daaruit moet verder blijken of de bedrijven zich houden aan de regels van de Arbeidstijdenwet, Wet Minimumloon, Arbeidstijdenbesluit vervoer (rij- en rusttijden), Wet wegvervoer goederen, Wet vervoer gevaarlijke stoffen en de Arbeidsomstandighedenwet. 

Oneerlijke concurrentie  

De ILT werkt in het Transport Informatie Expertise Centrum (TIEC) samen met de Inspectie SZW, politie en douane. Via deze samenwerking wordt informatie gebundeld. De diensten treden gezamenlijk op om alle vormen van oneerlijke concurrentie in het transport aan te pakken, zoals het inzetten van goedkoop personeel via schijnconstructies. Dit zijn bedrijfsconstructies waarbij de feitelijke situatie afwijkt van de (papieren) situatie. Hierbij is sprake van oneigenlijke concurrentie op arbeids- en marktvoorwaarden waarbij ondernemingen een grotere marge of lagere ritprijs aan kunnen bieden. Dat is oneerlijke concurrentie voor vervoerders die hun werk wel volgens de regels doen. 
Tot nog toe zijn dit jaar 50 transportbedrijven onderzocht. De komende tijd zullen meer bedrijven onverwacht worden gecontroleerd. Bij de onderzochte bedrijven stelden de inspectiediensten dit jaar in 60 procent van de gevallen schijnconstructies en/of overige misstanden vast.

Bron: ILT

 

Print Friendly and PDF