HR: gesjoemel met barcodes kan valsheid in geschrifte opleveren

Hoge Raad 16 juni 2016, ECLI:NL:HR:2016:1174 De verdachte is bij arrest van 22 april 2014 door het gerechtshof Den Haag veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van drie maanden, met een proeftijd van twee jaren wegens valsheid in geschrift, meermalen gepleegd (feit 1), opzettelijk een geschrift, als bedoeld in art. 225, eerste lid, Sr, voorhanden hebben, terwijl hij weet dat dit geschrift bestemd is voor gebruik als ware het echt en onvervalst, meermalen gepleegd (feit 2) medeplegen van oplichting, meermalen gepleegd (feit 3), oplichting, meermalen gepleegd (feit 4).

Middel

Het middel behelst allereerst de klacht dat het Hof ten onrechte heeft geoordeeld dat een barcode(sticker) kan worden aangemerkt als een geschrift in de zin van art. 225 Sr.

Beoordeling Hoge Raad

Uit de overwegingen van het Hof volgt dat het Hof een uit een streepjescode en voorzien van een getallenreeks bestaande barcode(sticker) heeft aangemerkt als een geschrift in de zin van art. 225, eerste lid, Sr.

Aan de wetsgeschiedenis kan het volgende worden ontleend.

"Artikel 225 [van het Wetboek van Strafrecht] stelt het vervalsen en namaken van geschriften strafbaar. Een geschrift is een weergave van al dan niet dadelijk leesbare tekens die in min of meer duurzame vorm zijn vastgelegd. Het begrip tekens dient ruim opgevat te worden; een codesysteem dat met behulp van een decoderingssysteem kan worden gelezen, valt ook hieronder."

(Kamerstukken II 2002-2003, 29 025, nr. 3, p. 3)

Het kennelijke oordeel van het Hof dat een uit een streepjescode en voorzien van een getallenreeks bestaande barcode(sticker) kan worden aangemerkt als een geschrift in de zin van art. 225 Sr, geeft mede gelet op de hiervoor weergegeven wetsgeschiedenis niet blijk van een onjuiste rechtsopvatting, zodat de klacht faalt.

Het middel klaagt voorts dat het Hof ten onrechte, althans onvoldoende gemotiveerd heeft geoordeeld dat de aangetroffen barcodes "vals" zijn, omdat het ongewijzigde kopieën of scans van bestaande barcodes betreffen.

Blijkens de bewijsvoering heeft het Hof onder meer het volgende vastgesteld. De verdachte heeft meermalen producten gekocht bij Media Markt en Praxis, waarbij hij telkens een (door hem meegebrachte) barcode(sticker) behorend bij een soortgelijk maar goedkoper product heeft geplakt over de streepjescode van een duurder product, welk product hij bij de kassa ter betaling aanbood. Zodoende verkreeg hij de aldus gekochte producten voor een lagere dan de werkelijke prijs. In de woning met bijbehorende schuur van de verdachte en op diens computer zijn diverse (sticker)vellen met barcodes en bestanden bevattende barcodes behorend bij producten van Media Markt en Praxis aangetroffen.

Het Hof heeft kennelijk geoordeeld dat de verdachte de aangetroffen barcodes heeft gekopieerd en/of (in)gescand met de bedoeling de barcodes aan te wenden om producten te verkrijgen voor een lagere dan de werkelijke prijs. Het daarop gebaseerde oordeel dat de verdachte aldus de bij hem aangetroffen barcodes valselijk heeft opgemaakt en/of heeft vervalst als bedoeld in art. 225, eerste lid, Sr, geeft niet blijk van een onjuiste rechtsopvatting en is toereikend gemotiveerd, zodat de klacht faalt.

Lees hier de volledige uitspraak.

 

Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF