Grootschalige oplichting door tussenpersoon in de assurantiebranche

Rechtbank Middelburg 28 maart 2013, LJN BZ5849

Als tussenpersoon in de verzekeringswereld heeft verdachte zich jarenlang schuldig gemaakt aan valsheid in geschrift, oplichting en verduistering waardoor tientallen verzekerden zijn gedupeerd.

Verdachte heeft verzekeringspolissen van cliënten – buiten hun medeweten - uit laten keren en de vrijkomende geldbedragen op zijn bankrekening laten storten. Ook hebben verzekerden op zijn advies hun spaargeld of geld dat vrijkwam door het oversluiten van een hypotheek gestort in een – zogenaamd – premiedepot.

Door verdachte werd voorgespiegeld dat hieruit de premies zouden worden betaald en dat dit voor hen voordelig zou zijn. De gestorte gelden zijn op de bankrekeningen van verdachte terechtgekomen. In totaal is hierdoor meer dan 600.000 euro door verdachte onrechtmatig ontvangen. Van de verkregen geldbedragen zijn door verdachte niet alleen zijn eigen financiële verplichtingen voldaan, maar hiervan heeft hij ook zijn huis verbouwd, heeft hij een dure caravan gekocht en heeft hij dure vakanties genoten.

Het bewezen verklaarde levert de volgende strafbare feiten op:

  • Feit 1: Oplichting, meermalen gepleegd; 
  • Feit 2: Oplichting, meermalen gepleegd; 
  • Feit 3: Verduistering, gepleegd door hem die het goed uit hoofde van zijn beroep onder zich heeft, meermalen gepleegd; 
  • Feit 4: Valsheid in geschrift, meermalen gepleegd; 
  • Feit 5: Gewoontewitwassen;

De rechtbank veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf van 4 jaar, waarvan 1 jaar voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar en ontzet verdachte van het recht een beroep in de financiële dienstverlening uit te oefenen voor de duur van vijf jaar.

Lees hier de volledige uitspraak.

Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF