Geen vergoeding kosten wijziging sepotcode

Gerechtshof Amsterdam 9 december 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:5695

 

Het verzoekschrift strekt tot het toekennen van een vergoeding uit ’s Rijks kas ter zake van:

  1. kosten die verzoeker stelt te hebben gemaakt in verband met rechtsbijstand ten behoeve van de strafzaak met voormeld parketnummer, ten bedrage van € 423,50;
  2. kosten ten behoeve van het opstellen, indienen en in raadkamer toelichten van dit verzoekschrift en het gelijktijdig ingediende verzoekschrift ex artikel 89 Sv ten bedrage van € 280,00 (zonder mondelinge behandeling) dan wel € 550,00 (met mondelinge behandeling), zijnde de geldende standaardbedragen.
     

Procesverloop

De rechtbank Amsterdam heeft bij beschikking van 3 maart 2016 aan verzoekster een vergoeding toegekend van € 550,00 ten behoeve van het opstellen, indienen en in raadkamer toelichten van dit verzoekschrift en het meer verzochte afgewezen nu die kosten niet onder de reikwijdte van artikel 591a Sv vallen.

Het hoger beroep is ingesteld namens verzoekster (hierna appellante).
 

Beoordeling van het verzoek

Namens appellante is hoger beroep ingesteld tegen de beschikking van de rechtbank van 3 maart 2016. Nu het verzoek tot vergoeding van kosten van rechtsbijstand in een procedure tot wijziging van de sepotcode gelet op het bepaalde in artikel 591a Sv niet voor vergoeding in aanmerking komt, heeft de rechtbank terecht en op juiste gronden appellante niet-ontvankelijk verklaard in haar verzoek.
 

Beslissing

Het hof wijst af het hoger beroep van de appellante.

Lees hier de volledige uitspraak.

 

Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF