Ex-directeur Groen Invest vrijgesproken van faillissementsfraude

De rechtbank Oost-Brabant heeft de 70-jarige ex-directeur van het Veldhovense Groen Invest BV vrijgesproken van faillissementsfraude. Ook krijgt de man geen straf voor het zonder vergunning aanbieden van beleggingsobjecten.

Groen Invest en haar dochtervennootschappen verkochten vanaf 1996 rechten op kapopbrengsten van robiniabomen. In totaal werd voor ruim 70 miljoen euro verkocht aan zo’n 5500 particuliere beleggers. Toen het bedrijf in mei 2009 failliet ging, deed de curator aangifte tegen de voormalig directeur voor onder meer faillissementsfraude. De man onttrok als directeur van Groen Invest en de dochtervennootschappen grote geldbedragen aan de onderneming. Hij zag daar geen bezwaar in, omdat hij zelf een veel groter bedrag aan de onderneming had uitgeleend.

Vrijspraak

Volgens de rechtbank wist de directeur op het moment van de onttrekkingen nog niet dat zijn bedrijf failliet zou gaan. Een oorzaak van het faillissement is volgens de rechtbank de weigering van een vergunning, waardoor het bedrijf versneld geld moest terugbetalen aan de beleggers. Een andere oorzaak van het faillissement acht de rechtbank de uitkomst van een procedure tegen een oud-aandeelhouder. Groen Invest moest hem vier miljoen euro betalen. Vijf dagen na deze veroordeling is het bedrijf failliet verklaard. Omdat de ex-directeur het geld ruim voor deze beide gebeurtenissen overmaakte, kan volgens de rechtbank niet worden gesteld dat hij het faillissement toen al had moeten zien aankomen en door de overmakingen de schuldeisers bewust benadeelde. De rechtbank spreekt hem daarom vrij van faillissementsfraude.

Tijdens de behandeling van de strafzaak bleek overigens dat de man de onttrokken bedragen wel aan de curator moest terugbetalen. Dat besliste het gerechtshof ’s-Hertogenbosch al eerder in een civiele procedure.

Niet strafbaar

Verder wordt de ex-directeur verweten dat hij van maart tot mei 2009 leiding gaf aan een dochtervennootschap die toen zonder vergunning beleggingsobjecten aanbood. De rechtbank oordeelt echter dat dit de man niet kan worden toegerekend. Hij had in deze korte periode geen aanvaardbare mogelijkheid om anders te handelen. De man is daarom niet strafbaar en wordt hiervoor ontslagen van alle rechtsvervolging.

Print Friendly and PDF