Eén leugen is geen leugen? Over de strafbaarheid van de enkele leugen als oplichting
/De wetgever van 1886 ging ervan uit dat één enkele, eenvoudige leugen geen oplichting oplevert. Om dat te verankeren koos hij voor een limitatief stelsel van oplichtingsmiddelen: de valse naam of hoedanigheid, de listige kunstgrepen en het samenweefsel van verdichtsels. Wie de rechtspraak van de Hoge Raad langsloopt, ziet dat elk van die middelen door de jaren heen ruimer is uitgelegd dan destijds bedoeld. Vooral de valse hoedanigheid is opgerekt, tot aan de bonafide wederpartij toe. Tegelijk corrigeert de rechter via het bestanddeel 'bewegen tot' en de eisen aan het causaal verband. De ondergrens ligt nu bij minimaal één leugen plus bijkomende omstandigheden, een verschuiving van het Franse naar een meer Zwitsers model. De auteurs vinden het tijd voor een fundamentele herbezinning op de grenzen tussen strafbaar en niet-strafbaar liegen.
Lees verder:
Eén leugen is geen leugen? Over de strafbaarheid van de enkele leugen als oplichting door prof. mr. J.H.B. (Joeri) Bemelmans en mr. J.M.I. (Joske) Wein in Boom Strafblad
