'Een waardeloos zwijgrecht? Tweede Kamer opgelet!'

Naar huidig recht kunnen de ex-werknemers van een verdachte onderneming zich op het zwijgrecht van de onderneming beroepen indien zij worden ondervraagd omtrent de vermeende overtreding van hun ex-werkgever. Dat is althans een uitgemaakte zaak in de context van het mededingingsrecht, dankzij de uitleg die het College van Beroep voor het bedrijfsleven gaf aan artikel 53 lid 1 Mededingingswet. Waar wordt bepaald dat ‘aan de zijde van’ de verdachte onderneming geen verplichting bestaat een verklaring af te leggen, moet worden verstaan dat (ook) haar ex-werknemers zullen mogen zwijgen indien zij worden verhoord omtrent de vermeende overtreding van die onderneming. Met die wetsuitleg wordt recht gedaan aan de centrale betekenis van het zwijgrecht in het kader van de ‘fair procedure’ die niet alleen natuurlijke personen, maar ook rechtspersonen ten deel moet vallen. De beperking van het zwijgrecht tot degenen die (nog) bij de onderneming werkzaam zijn op het moment waarop het verhoor plaatsvindt, zou betekenen dat het zwijgrecht de onderneming in voorkomend geval geen effectieve rechtsbescherming meer biedt. Het zwijgrecht van de onderneming zou dan ‘theoretical and illusory’ worden.

Lees verder:

Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF