De nieuwe VN-standaard voor bedrijfsintegriteit: niet alleen doen wat mag, maar wat juist is
/Strong integrity equals good business, zo opent de aankondiging van een publicatie die wij met interesse hebben doorgenomen. Het United Nations Office on Drugs and Crime (UNODC) en het United Nations Global Compact hebben deze maand de tweede editie gepubliceerd van An Anti-Corruption Ethics and Compliance Programme for Business: A Practical Guide. Een gids van 126 pagina's die ethiek en compliance vertaalt naar concrete stappen voor organisaties van elke omvang. En die, wat ons betreft, ook voor de strafrechtelijke compliance-praktijk bijzonder relevante inzichten bevat.
Van 'tone at the top' naar transformational governance
De oorspronkelijke gids verscheen in 2013. Sindsdien is er nogal wat veranderd: verscherpte regelgeving wereldwijd, de opkomst van kunstmatige intelligentie, geopolitieke instabiliteit en een groeiende maatschappelijke verwachting dat bedrijven niet alleen winst nastreven maar ook verantwoordelijkheid nemen. Het centrale concept van deze herziene editie is dan ook transformational governance, een benadering die het UN Global Compact samen met een internationale groep bedrijven heeft ontwikkeld. De kern: bedrijven moeten niet alleen doen wat legaal is, maar wat juist is.
Dat klinkt misschien als een open deur, maar de gids werkt dit uit in drie concrete principes die de rode draad vormen: een geïntegreerde aanpak (anti-corruptie als onderdeel van de bredere duurzaamheidsstrategie), betrokkenheid van stakeholders (niet alleen aandeelhouders, maar ook personeel, leveranciers en de samenleving), en externe betrokkenheid (proactief bijdragen aan betere regelgeving en instituties). Wie gewend is aan compliance als een afvinkexercitie, wordt hier vriendelijk maar nadrukkelijk gecorrigeerd.
Tien bouwstenen, praktisch uitgewerkt
De gids behandelt tien elementen van een anti-corruptie ethiek- en complianceprogramma. Van ethisch leiderschap en risicoanalyse tot klokkenluidersregelingen en het meten van effectiviteit. Elk element krijgt een eigen hoofdstuk met praktische uitdagingen en voorbeelden van good practices. Wat opvalt is dat de auteurs consequent aandacht besteden aan de positie van het midden- en kleinbedrijf (mkb). Terecht, want corruptierisico's raken niet alleen multinationals. Een mkb-bedrijf dat afhankelijk is van een internationale toeleveringsketen krijgt met dezelfde complexiteit te maken, zij het met minder middelen.
Noemenswaardig is ook de aandacht voor het belonen van ethisch gedrag. Waar traditionele complianceprogramma's zich richten op het bestraffen van overtredingen, pleit deze gids voor het inbouwen van positieve prikkels: ethisch handelen moet niet alleen de norm zijn, maar ook zichtbaar worden gewaardeerd. Is dat niet precies het punt waarop veel organisaties nog achterlopen?
Kunstmatige intelligentie: kans én risico
Een geheel nieuw hoofdstuk is gewijd aan kunstmatige intelligentie en anti-corruptie. De gids beschrijft hoe AI kan worden ingezet voor risicoanalyse, het detecteren van onregelmatigheden in financiële data, het automatiseren van audits en het verbeteren van trainingen. Machine learning en natural language processing worden het meest toegepast, zo blijkt uit onderzoek van Business at OECD. Maar de auteurs wijzen ook op de keerzijde: bias in algoritmen, privacyrisico's, gebrek aan transparantie en de mogelijkheid dat AI zelf wordt misbruikt voor corruptiedoeleinden.
Wat ons betreft is dit een van de meest waardevolle toevoegingen. De snelheid waarmee AI de compliancepraktijk verandert, maakt het noodzakelijk dat organisaties hier een doordacht standpunt over innemen. De gids biedt daarvoor een bruikbaar kader, zonder in technisch jargon te vervallen.
Collective action: samen sterker
Een ander interessant hoofdstuk gaat over collective action: het gezamenlijk optrekken van bedrijven, overheden en maatschappelijke organisaties om systeemrisico's aan te pakken. De gids onderscheidt vier vormen, van vrijwillige anti-corruptieverklaringen tot certificerende bedrijfscoalities. Het idee is dat individuele bedrijven soms te weinig slagkracht hebben om structurele corruptierisico's te adresseren, maar dat collectieve initiatieven een gelijk speelveld kunnen creëren. Voor bedrijven die opereren in landen met zwakke handhaving is dat bijzonder relevant.
Wat betekent dit voor de Nederlandse praktijk?
De gids is nadrukkelijk bedoeld als een wereldwijde standaard, maar de thema's raken ook direct aan de Nederlandse compliance- en strafrechtpraktijk. De groeiende aandacht voor corporate sustainability due diligence, de implementatie van de EU Corporate Sustainability Reporting Directive en de toenemende verwachting van het Openbaar Ministerie dat bedrijven beschikken over een effectief complianceprogramma maken deze publicatie tot meer dan een academische exercitie.
De gids is tot stand gekomen via het Think Lab for Business Integrity, een samenwerkingsverband waarbij 26 bedrijven uit de hele wereld gedurende 2024 en 2025 inhoudelijk hebben bijgedragen. Onder de deelnemers bevonden zich onder meer Baker McKenzie, Deloitte, Novartis, Siemens en IBM. Dat maakt het document niet alleen theoretisch onderbouwd, maar ook geworteld in de praktijk van het bedrijfsleven.
Wij zouden zeggen: verplichte kost voor iedereen die zich bezighoudt met compliance, integriteit of de strafrechtelijke kant van ondernemingsrecht. De volledige gids is gratis te downloaden via de website van het UN Global Compact.
