Begroting en beheerplan Politie 2027-2031: bezetting groeit, financiële sturing blijft aandachtspunt

Tegelijk met de begroting van Justitie en Veiligheid 2027 is op 15 september 2026 het begroting en beheerplan van de Nationale Politie 2027-2031 aan de Tweede Kamer aangeboden. De politie wordt op artikel 31 van de justitiebegroting bekostigd met een algemene bijdrage, die als lumpsum ter beschikking wordt gesteld, en bijzondere bijdragen voor specifiek omschreven doelen. In de vorige begroting had het korps een meerjarige financiële opgave gemeld die het zelf kon terugbrengen tot € 347 miljoen, met als sluitstuk een begrenzing van de personele bezetting. Het coalitieakkoord van het kabinet Jetten vult dat restant nu structureel in met extra middelen, zodat die begrenzing volgens de politie niet nodig is. Daarnaast bevat de justitiebegroting de Veiligheidsagenda 2027-2030, kengetallen over sterkte en bezetting en een overzicht van de bijzondere bijdragen voor onder meer opsporing, intelligence en bewaken en beveiligen. Deze blog zet de cijfers en de voornemens uit beide stukken op een rij.

De financiële opgave en de coalitiemiddelen

De rijksbijdragen aan de politie bedragen in 2027 € 9,383 miljard, tegenover € 8,556 miljard begroot voor 2026 en € 8,757 miljard gerealiseerd in 2025; daarvan is ongeveer 85 procent algemene bijdrage. In het coalitieakkoord is voor nationale veiligheid een oplopende reeks gereserveerd van € 300 miljoen in 2027 tot € 600 miljoen structureel, waarvan indicatief een bedrag oplopend naar € 462 miljoen voor de politie is bestemd. De politie zet daarvan een reeks oplopend naar € 347 miljoen in voor de financiële meerjarenopgave: € 196 miljoen in 2027, € 277 miljoen in 2028, € 318 miljoen in 2029 en € 347 miljoen vanaf 2030. Volgens het beheerplan maakt dat een investering in personeel over de volle breedte mogelijk, van agenten in de wijk tot rechercheurs en medewerkers voor bewaken en beveiligen, en stelt het de politie in staat de stijgende kosten voor zorg en personeel te dragen en in de informatievoorziening te investeren.

Daarna resteert een reeks van structureel € 114 miljoen vanaf 2030 voor de ambities uit het coalitieakkoord. De minister brengt daar een fasering in aan en informeert de Kamer met Prinsjesdag over de besteding; in grote lijnen gaat het om meer agenten in de wijk, medewerkers gespecialiseerd in online criminaliteit en een impuls voor de aanpak van online seksuele misdrijven. Omdat het gesprek tussen ministerie, politie en gezagen nog loopt, is dit deel niet in de politiebegroting verwerkt. In de justitiebegroting staat dat de Kamer voorafgaand aan de begrotingsbehandeling onderbouwingen ontvangt voor de financiële problematiek bij de politie, meer agenten in de wijk en de aanpak van online criminaliteit.

Naast de coalitiemiddelen hanteert de politie financieel-technische maatregelen om de begroting sluitend te maken. Die zijn voor 2027 geactualiseerd en verlaagd: de benodigde meevallers zijn gedaald van € 117 miljoen naar € 65 miljoen en de benodigde onderbezetting van € 95 miljoen naar € 82 miljoen.

Financieel-technische maatregelen politie, in miljoenen euro20272028202920302031
Financieel verdelen van 98,5 procent van de formatie8282828282
Inzet eigen vermogen150000
Herbestemmen bijzondere bijdragen2020202020
Jaarlijkse onderbesteding en incidentele bijdragen65151500
Totaal181117117102102

Bron: Begroting en beheerplan Politie 2027-2031, paragraaf 11.3. De maatregel van 98,5 procent is tijdelijk en wordt jaarlijks herijkt

De politie schrijft in de risicoparagraaf dat de financiële sturingsinformatie binnen de huidige processen en systemen niet altijd toereikend is en noemt als beheersmaatregelen onder meer het terugbrengen van de overbezetting van niet-operationeel personeel, het actief beheersen van stijgende ICT-kosten en het in kaart brengen welke taken prioriteit krijgen als beleidsontwikkelingen tot aanvullende bezuinigingen leiden. De onderbezetting daalde in 2025 van de verwachte 2.790 fte naar 1.352 fte, wat de politie vanuit capaciteit gunstig noemt maar financieel minder gunstig, omdat de restwaarde van de onderbezetting als dekking was ingeboekt.

Sterkte en bezetting

De bezetting van de operationele sterkte exclusief aspiranten groeit in 2027-2031 met circa 1.630 fte en bereikt volgens de politie rond 2029 het niveau van de formatie. Omdat de operationele sterkte op formatie komt, zijn op termijn minder aspiranten nodig. De pensioenuitstroom bedraagt door de Regeling Vervroegde Uittreding en het aandeel medewerkers van 55 jaar en ouder (23 procent eind 2025) gemiddeld 1.145 fte per jaar; de overige uitstroom is met gemiddeld 1.455 fte per jaar lager dan eerder geraamd. De niet-operationele sterkte is al jaren hoger dan de formatie en wordt afgebouwd door minder instroom toe te staan, terwijl er tegelijk tekorten zijn op specifieke functies, vooral in de informatievoorziening.

In de formatie voor 2027 is 22.030 fte bestemd voor gebiedsgebonden politiezorg, 11.795 fte voor opsporing, 4.412 fte voor de informatiefunctie, 5.571 fte voor intake, service en meldkamer en 3.041 fte voor beveiliging. De justitiebegroting meldt dat de wettelijke norm van één wijkagent op 5.000 inwoners wordt gehaald. De politie ontwikkelt een nieuw instroommodel met directe instroom op specifieke vakgebieden en een organisatievisie die eind 2026 wordt afgerond, waarin bedrijfsvoering, informatievoorziening en intelligence fundamenteler tegen het licht worden gehouden.

Veiligheidsagenda 2027-2030

De minister stelt eenmaal in de vier jaar landelijke beleidsdoelstellingen vast voor de taakuitvoering van de politie, in afstemming met het College van procureurs-generaal en de regioburgemeesters. Op 1 januari 2027 treedt de Veiligheidsagenda 2027-2030 in werking met als thema's ondermijning en georganiseerde criminaliteit, cybercrime en gedigitaliseerde criminaliteit waaronder online seksueel kindermisbruik, relationeel geweld en geweld in afhankelijkheidsrelaties met name geweld tegen vrouwen waaronder femicide, en mensenhandel. De doelstellingen worden nog geformuleerd; de Kamer wordt in het najaar van 2026 geïnformeerd. De politie schrijft dat de agenda bij publicatie van haar begroting nog niet gereed was en dat zij in 2027 start met de uitvoering van de kwantitatieve en kwalitatieve doelstellingen.

Opsporing, intelligence en bijzondere bijdragen

Naast de algemene bijdrage ontvangt de politie in 2027 ongeveer € 1 miljard aan bijzondere bijdragen en € 376 miljoen aan overige bijdragen van Justitie en Veiligheid. De grootste posten zijn de Politieacademie, het meldkamerdomein en bewaken en beveiligen. Voor de opsporing zijn onder meer de bijdragen voor de Landelijke Eenheid, forensische opsporing, interceptie, de FIU, digitalisering en cybercrime, het Recherche Samenwerkingsteam en hoogwaardige middelen opsporing relevant.

Inhoudelijk zet de politie in 2027 in op een landelijke voorziening voor gedigitaliseerde criminaliteit en een landelijke voorziening voor cybercrime, met hubs in de eenheden, en op het werven van personeel daarvoor. De intelligencefunctie wordt versterkt tot één intelligencepositie op lokale, nationale en internationale thema's, met een Algoritmeautoriteit waarin AI-systemen en modellen van de politie worden geregistreerd. Bij georganiseerde criminaliteit kiest de politie voor een systeemaanpak tegen criminele samenwerkingsverbanden, naast afpakdoelstellingen ook gericht op het verstoren van structuren die het rondpompen en witwassen van crimineel geld mogelijk maken, en wordt de mainportaanpak verbreed naar andere logistieke knooppunten. Sinds 2026 zijn volgens de politie meer vormen van spionage strafbaar, wat strafrechtelijk optreden tegen spionageactiviteiten mogelijk maakt. Het programma voor een uniform werkproces voor de inbeslagname van data loopt van 2025 tot 2029; in 2027 worden de analyse en de gedefinieerde projecten uitgevoerd, waarna de implementatie in 2028 en 2029 volgt.

De justitiebegroting bevat daarnaast bevoegdheidsuitbreidingen: het wetsvoorstel waarmee de politie onder gezag van de burgemeester gegevens kan vergaren uit publiek toegankelijke bronnen voor de handhaving van de openbare orde ligt bij de Raad van State, de Mobiele Eenheid krijgt extra middelen en een besluit over toekenning van het stroomstootwapen is in voorbereiding. De implementatie van EU-regelgeving, waaronder de nieuwe Europol-verordening, de herziening van het kaderbesluit georganiseerde misdaad en de Interne Veiligheidsstrategie, brengt volgens het ministerie grote opgaven mee voor de politiesystemen en zal gezien de druk op de informatievoorziening keuzes vragen.

Informatievoorziening en Wetboek van Strafvordering

De kosten voor informatievoorziening stijgen van € 918 miljoen in 2026 naar € 996 miljoen in 2027 en ruim € 1 miljard vanaf 2030. De politie verwacht een toename van kosten voor infrastructuur, instandhouding en beveiliging en zet in op scherpe prioritering: projecten die onvoldoende bijdragen aan strategische doelen krijgen geen prioriteit en worden afgebouwd. De belangrijkste prioriteiten voor 2027 zijn de vernieuwing voor het Wetboek van Strafvordering, innovatieve politieloketten, afronding van het programma Vernieuwend Registreren en modernisering van de bedrijfsvoeringssystemen. Op het gebied van gegevensbescherming schrijft de politie dat de bescherming van persoons- en politiegegevens en het voldoen aan wet- en regelgeving aanzienlijk moeten verbeteren; in 2027 wordt de herinrichting van de privacygovernance afgerond en wordt privacysoftware geïmplementeerd voor het verwerkingsregister en de gegevenseffectbeoordelingen. Het nieuwe Wetboek van Strafvordering treedt op 1 april 2029 in werking; een jaar eerder melden alle ketenpartners de minister of zij gereed zijn, en dan start ook de bijscholing binnen de eenheden.

Afsluiting

Het begroting en beheerplan van de politie is opgesteld op basis van de meerjarige aanschrijving van de minister en wordt samen met de justitiebegroting dit najaar in de Tweede Kamer behandeld. De verdeling van de resterende € 114 miljoen structureel uit het coalitieakkoord is nog onderwerp van overleg tussen ministerie, politie en gezagen. De doelstellingen van de Veiligheidsagenda 2027-2030 volgen in het najaar van 2026 en de organisatievisie van de politie wordt eind 2026 afgerond. De politie meldt dat de keuzes over slimmer en toekomstbestendiger werken vanaf 2027 worden verwerkt in het begroting en beheerplan 2028-2032.

Print Friendly and PDF ^