APAAN wordt door de raadkamer niet aangemerkt als "geregistreerde stof" in de zin van de Wet voorkoming misbruik chemicaliën en en in de zin van de (EU-) verordeningen 273/2004 en 111/2005

Rechtbank 's-Hertogenbosch 31 oktober 2012, LJN BY2286 (gepubliceerd op 5 november 2012) Bij het antwoord op de vraag of de voorlopige hechtenis mede kan worden gebaseerd op opzettelijke overtreding van de Wet Voorkoming Misbruik Chemicaliën (WVMC) is in deze zaak mede bepalend of de stof alpha phenylacetoacetonitril(le) (APAAN) aangemerkt kan worden als "geregistreerde stof" in de zin van de de (EU-)verordeningen 273/2004 en 111/2005.

De (EU-)verordeningen 273/2004 en 111/2005, die ten grondslag liggen aan de WVMC, introduceren en definiëren het begrip "geregistreerde stof". Een deel van deze "geregistreerde stoffen" is opgenomen in een lijst die als bijlage (1) behoort tot de genoemde verordeningen onder categorie 1 . Dit betreft de (echte) precursoren, stoffen die in een chemisch proces omgezet kunnen worden in (o.a.) amfetamine. Het gaat daarbij, in deze zaak, om BMK en (volledigheidshalve) de zouten van deze stof. De stof APAAN is niet als zodanig opgenomen in de bijlage onder een van categorieën "geregistreerde stoffen".

De rest van de preambule bij Verordening 273/2004 geeft (voor zover hier van belang) aan dat (8) stoffen die vaak bij de illegale vervaardiging van verdovende middelen of psychotrope stoffen worden gebruikt, in de bijlage 1 worden opgenomen (9) er voor moet worden gezorgd dat voor de vervaardiging of het gebruik van bepaalde in bijlage 1 genoemde geregistreerde stoffen een vergunning nodig is. Daarnaast mag de levering van deze stoffen alleen worden toegestaan aan afnemers die een vergunning hebben en een afnemersverklaring hebben ondertekend (12) alle transacties die er toe leiden dat geregistreerde stoffen van categorie 1 en 2 in de handel worden gebracht, goed gedocumenteerd moeten zijn (13) van een aanzienlijk aantal andere stoffen, waarvan er legaal grote hoeveelheden worden verhandeld, bekend is dat ze als precursoren bij de illegale vervaardiging van synthetische drugs en psychotrope stoffen worden gebruikt. Een even strenge controle op deze stoffen als op die in de bijlage zou een onnodige handelsbelemmering in de vorm van bedrijfsvergunningen en documentatie van handelstransacties betekenen.

Centraal in deze verordeningen, en daarmee dus ook in de WVMC, is de definitie van het begrip "geregistreerde stof". De definitie (zie art 2 Verordening 273/2004) luidt : geregistreerde stof: elke in bijlage 1 genoemde stof, met inbegrip van mengsels en natuurproducten die dergelijke stoffen bevatten. Uitgesloten zijn geneesmiddelen (zoals gedefinieerd in Richtlijn 2001/83/EG van het Europees Parlement en de Raad van 6 november 2001 tot vaststelling van een communautair wetboek betreffende geneesmiddelen voor menselijk gebruik, farmaceutische preparaten, mengsels, natuurproducten en andere preparaten die geregistreerde stoffen bevatten die zodanig zijn vermengd dat ze niet gemakkelijk met eenvoudige middelen kunnen worden gebruikt of geëxtraheerd. (onderstreping RK)

Artikel 2 van Verordening 111/2005 gebruikt dezelfde definitie voor het begrip "geregistreerde stof".

Uit de vergelijking van de structuurformule van APAAN met die van BMK volgt dat bij de chemische omzetting van APAAN naar BMK een deel van het molecuul wordt verwijderd, de nitril-groep. In de door de Rb. Haarlem besproken stof, die de FIOD ten grondslag legt aan haar standpunt dat APAAN wel aangemerkt dient te worden als een "geregistreerde stof", betreft het een stof die was samengesteld uit een molecuul PMK, dat als zodanig chemisch was verbonden aan een andere stof tot een ester (PMK-glycidaat). Uit die samengestelde stof kon het PMK weer worden vrijgemaakt door , kort gezegd, een aantal betrekkelijk eenvoudige chemische bewerkingen toe te passen.

Uit de definitie in artikel 2 van de Verordening 274/2004 volgt dat de stof APAAN niet rechtstreeks valt onder de werking van de WVMC. Deze stof is niet geregistreerd in de bijlagen bij in de WVMC genoemde EU-Verordeningen en valt evenmin onder de rest van de bepaling van het begrip "geregistreerde stof", gelet op het navolgende. De stof BMK zit niet in APAAN, want BMK ontstaat pas na een chemische reactie van het APAAN met het zwavelzuur in het chemische bewerkingsproces waarbij APAAN wordt omgezet in BMK. In de stof APAAN is de stof BMK niet als zodanig aanwezig, maar het kan daaruit worden gevormd. In het geval van APAAN gaat het dus om een stof waarvan de chemische samenstelling en structuur wordt veranderd en dat is daarom niet vergelijkbaar met de stof PMK-glycidaat waarop het vonnis van de Rechtbank Haarlem ziet.

Gelet op het bovenstaande kan APAAN naar het oordeel van de Raadkamer niet worden aangemerkt als een geregistreerde stof in de zin van de Verordeningen 274/2004 en 111/2005 en valt bij gevolg ook niet onder de werking van de WVMC op de wijze als thans voorligt in de vordering.

 

Lees hier de volledige uitspraak.

Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF