Afgeluisterde advocaten | De toekenning en de waardering van het professionele verschoningsrecht van de advocaat

Het professionele verschoningsrecht (art. 218 Sv) stelt een getuige in staat om vragen die een rechter hem stelt, niet te beantwoorden. Het is daarmee een uitzondering op de verplichting een getuigenis af te leggen. Ook advocaten komen een verschoningsrecht toe, maar de afgelopen jaren is vanuit de advocatuur regelmatig kritiek geuit dat opsporende instanties dit verschoningsrecht met voeten zouden treden. In dit boek toont David Klein Lenderink (Van Bavel Advocaten, Amsterdam) dan ook aan dat het verschoningsrecht van advocaten onvoldoende is gewaarborgd. De auteur plaatst het belang van het verschoningsrecht tegenover andere belangen: die van de waarheidsvinding en de criminaliteitsbestrijding. Aan de hand van de wetshistorie, de wetsontwikkeling en de ontwikkelingen in de jurisprudentie analyseert Klein Lenderink de beginselen van het verschoningsrecht voor de professionele geheimhouder, en meer specifiek voor de raadsman. Middels een kwantitatief en kwalitatief onderzoek wordt de vraag beantwoord of de toepassing van dwangmiddelen door justitiële autoriteiten gevolgen heeft – of kan hebben – voor de geheimhoudingsplicht en het verschoningsrecht van de niet-verdachte raadsman.

Met dit boek wil Klein Lenderink nagaan of de huidige toepassing van het verschoningsrecht de advocaat nog voldoende in staat stelt zijn beroep adequaat uit te oefenen. Hij is er niet gerust op.

 

Auteur: David Klein Lenderink Verschenen in november 2012 118 pagina’s Prijs: € 27,50 ISBN 978-90-8863-102-3

 

Klik hier om het boek te bestellen via Celsus Juridische Uitgeverij.

 

Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF