Veroordeling wegens niet voldoen aan verplichting openbaarmaking jaarrekening: Verwerping verweren over strijd met Unierechtelijke evenredigheidsbeginsel en de artikelen 7 en 16 Handvest.

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 22 december 2017, ECLI:NL:GHARL:2017:11487

De verdediging heeft zich op het standpunt gesteld dat de verplichting om de jaarrekening te deponeren bij de Kamer van Koophandel in strijd is met het Unierechtelijke evenredigheidsbeginsel. Daarmee is het ook in strijd met de artikelen 7 en 16 van het Handvest van de Grondrechten van de Europese Unie. Dit heeft tot gevolg dat artikel 2:394 van het Burgerlijk Wetboek buiten toepassing moet blijven en dat de verdachte van alle rechtsvervolging dient te worden ontslagen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Hof geeft uitleg aan het bepaalde in art. 14 Wahv en komt terug op eerdere jurisprudentie met betrekking tot de reikwijdte van het in dat artikel vervatte appelverbod

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 15 december 2017, ECLI:NL:GHARL:2017:11074

De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de door de Centrale Verwerking Openbaar Ministerie namens de officier van justitie genomen beslissing niet-ontvankelijk verklaard.De gemachtigde van de betrokkene heeft tegen de beslissing van de kantonrechter hoger beroep ingesteld. Tevens is verzocht om vergoeding van kosten.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Verzoek ex artt. 89 en 591a Sv na vrijspraak in Passage-zaak: verzoek tot toekenning €1000 voor elke dag die in preventieve hechtenis is doorgebracht wordt afgewezen

Gerechtshof Amsterdam 5 januari 2018, ECLI:NL:GHAMS:2018:7

Voor verzoeker is met het vrijsprekende arrest van het hof op 29 juni 2017 een eind gekomen aan een zeer lange en voor hem bezwarende periode. Hij is verdachte geweest van betrokkenheid bij de moord op Van Maurik in 1993. De op deze moord betrekkelijke strafzaak is als het ware verzwolgen door het zogenoemde Liquidatieproces Passage. De bijzondere aard, de grote omvang en ook het verloop van dat proces – waarin de strafzaken tegen een groot aantal verdachten van betrokkenheid bij veel levensdelicten gelijktijdig zijn behandeld – hebben tot gevolg gehad dat (de behandeling van) de strafzaak op het leven van verzoeker (en dat van de zijnen) zeer zwaar heeft gedrukt.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Inbreuk op beginselen van een behoorlijke procesorde door beïnvloeding van getuigen door OvJ leidt niet tot niet-ontvankelijkheid OM

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 9 november 2017, ECLI:NL:GHARL:2017:9797

De rechtbank heeft bewezen verklaard dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het plegen van ontucht met zijn minderjarige ondergeschikte en het verwerven en in bezit hebben van kinderpornografisch materiaal, beide meermalen gepleegd. Verdachte werd hiervoor veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van vijftien maanden, met aftrek van de tijd die door hem in verzekering is doorgebracht.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Onderzoek Live (uitkeringsfraude): Overwegingen t.a.v. ontvankelijkheid OM (vormverzuimen, opsporingshandelingen, redelijke termijn), verhouding bestuursrecht / strafrecht (ne bis in idem, una-via)

Gerechtshof ’s-Hertogenbosch 14 december 2017, ECLI:NL:GHSHE:2017:5706

De verdachte heeft zich in de eerste plaats jarenlang samen met zijn echtgenote schuldig gemaakt aan uitkeringsfraude en witwassen. Het hof stelt vast dat de verdachte reeds eerder was gewaarschuwd voor het schenden van de inlichtingenplicht en daarvan ook maatregelen heeft ondervonden van de gemeente, maar desondanks is doorgegaan met die schending.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Ontbreken uitgewerkt proces-verbaal terechtzitting politierechter geen reden voor terugwijzing

Gerechtshof Amsterdam 19 december 2017, ECLI:NL:GHAMS:2017:5254

De raadsman heeft ter terechtzitting in hoger beroep betoogd dat het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg en de naar aanleiding daarvan gewezen uitspraak aan nietigheid leiden. Hij heeft daartoe aangevoerd dat het proces-verbaal van de terechtzitting in eerste aanleg niet is uitgewerkt conform artikel 378, tweede lid onder c van het Wetboek van Strafvordering (Sv).

Read More
Print Friendly and PDF ^

Integrale vrijspraak voor witwassen. Handelingen van de verdachte wellicht verhullen van criminele herkomst van geldbedragen, maar dat is niet tenlastegelegd

Gerechtshof Amsterdam 21 december 2017, ECLI:NL:GHAMS:2017:5402

Read More
Print Friendly and PDF ^

Bepalend voor de vraag of tijdig zekerheid is gesteld is of het te betalen bedrag tijdig is bijgeschreven op de rekening van het CJIB

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 3 november 2017, ECLI:NL:GHARL:2017:9513

Artikel 11, derde lid, van de WAHV bepaalt dat de zekerheid dient te worden gesteld bij het CJIB te Leeuwarden, hetzij door middel van de aan betrokkene toegezonden acceptgiro, hetzij anderszins door storting op de rekening van het CJIB. Voor de beantwoording van de vraag of tijdig zekerheid is gesteld, is dan ook bepalend of het te betalen bedrag binnen de gestelde termijn is bijgeschreven op de rekening van het CJIB.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Hof: aanwezigheidsrecht is weliswaar een fundamenteel doch geen absoluut recht

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 27 december 2017, ECLI:NL:GHARL:2017:11341

Het hof dient, voordat tot een inhoudelijk oordeel wordt gekomen, opnieuw te toetsen of de gehele procedure voldoet aan de eisen die gesteld worden in artikel 6 van het Europees Verdrag van de Rechten van de Mens voor een eerlijk proces, nu de zaak op de laatste zitting in hoger beroep bij het hof buiten aanwezigheid van verdachte en zonder aanwezigheid van een (toegevoegde) raadsman is behandeld.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Geen onevenredige cumulatie van boetes bij in korte tijd meerdere sancties opleggen voor soortgelijke gedragingen op dezelfde locatie

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 7 november 2017, ECLI:NL:GHARL:2017:9608

De gemachtigde stelt dat sprake is van een onevenredige cumulatie van boetes. Aan de betrokkene zijn meerdere sancties opgelegd voor gedragingen op hetzelfde traject. Daarnaast geldt dat de termijn van vier maanden voor de bekendmaking van een beschikking zoals genoemd in de WAHV strijdig is met het beginsel van onverwijldheid zoals is neergelegd in artikel 6 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens en de fundamentele vrijheden. Wanneer de betrokkene wel onverwijld van de eerste beschikking op de hoogte zou zijn gebracht, zouden de andere gedragingen niet zijn verricht.

Read More
Print Friendly and PDF ^