Vrijspraak van subsidiefraude

Rechtbank Gelderland 24 februari 2015, ECLI:NL:RBGEL:2015:1294

Uit de stukken heeft de rechtbank de conclusie kunnen trekken dat verdachte in haar hoedanigheid van bestuurder betrokken is geweest bij de bedrijfsvoering van de in de tenlastelegging genoemde ondernemingen. De rechtbank stelt op grond van de stukken tevens vast dat zich in het dossier géén aanknopingspunten bevinden dat verdachte opdracht heeft gegeven tot de tenlastegelegde gedragingen. Met betrekking tot het feitelijk leidinggeven aan de tenlastegelegde feiten overweegt de rechtbank het volgende. Een minimumeis voor bewezenverklaring van feitelijk leiding geven is dat de verdachte, hoewel daartoe bevoegd en redelijkerwijs gehouden, maatregelen achterwege laat ter voorkoming dat de verboden gedragingen zich voordoen en dat de verdachte bewust de aanmerkelijke kans aanvaardt dat de verboden gedragingen zich voordoen, zodat de verdachte die gedragingen opzettelijk bevordert. De door de getuigen gebruikte bewoordingen zijn te algemeen om de conclusie te kunnen trekken dat het optreden van verdachte aan die minimumeis beantwoordt. Uit de verklaringen van getuigen komt met name de verwijtbare rol van de medeverdachte naar voren. Op grond van de verklaring van de medeverdachte en op basis van de in beslag genomen stukken kan vastgesteld worden dat verdachte slechts in de marge heeft gefigureerd in de gang van zaken rondom de in het geding zijnde projecten en de administratie daarvan.

De rechtbank acht dan ook niet bewezen dat verdachte aan de op de tenlastelegging vermelde verboden gedragingen door bedrijf en/of de stichting feitelijk leiding heeft gegeven of dat zij hiertoe opdracht heeft gegeven. Verdachte zal van de feiten tenlastegelegd onder feit 1 primair en 2 primair dan ook worden vrijgesproken. Evenmin is er voldoende bewijs voor een nauwe en bewuste samenwerking gericht op het plegen van valsheid in geschrifte of het gebruik van valse of vervalste geschriften. De rechtbank zal verdachte derhalve ook vrijspreken van de feiten tenlastegelegd onder 1 subsidiair en 2 subsidiair.

Lees hier de volledige uitspraak.

Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF