Veroordeling wegens verduistering in dienstbetrekking, gewoonte- en schuldwitwassen

Rechtbank Midden-Nederland 18 juni 2013, ECLI:NL:RBMNE:2013:3018

Essentie

Verdachte heeft in zijn functie van medewerker financiële administratie meer dan € 800.000,- van zijn toenmalige werkgever, verduisterd. Verdachte heeft een aanzienlijk deel van het door hem verduisterde geldbedrag vergokt. Van het resterende bedrag heeft hij (grote) aankopen gedaan, zoals auto’s, een boot, een caravan en een aanhangwagen. Verdachte heeft zich voorts gedurende een periode van bijna vijf jaar schuldig gemaakt aan het witwassen van de door hem ontvangen geldbedragen.

Verdenking

  1. in de periode van 20 september 2006 tot en met 8 december 2010, in zijn functie als boekhoudkundig medewerker, althans als financieel controleur bij Nederlandse Vereniging voor Logopedie en Foniatrie (NVLF) gelden heeft verduisterd.
  2. in de periode van 20 september 2006 tot en met 8 december 2010, zich schuldig heeft gemaakt aan gewoontewitwassen.

Standpunt van het Openbaar Ministerie

De officier van justitie acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte de onder 1 en 2 ten laste gelegde feiten heeft begaan.

Standpunt van de verdediging

De verdediging is van mening dat de rechtbank tot een bewezenverklaring van het onder 1 ten laste gelegde kan komen, met dien verstande dat verdachte de hoogte van het verduisteringsbedrag heeft betwist, zodat - mede gezien het ondoorzichtige dossier - uit moet worden gegaan van het door de accountant berekende bedrag van € 655.000,00.

De verdediging is voorts van mening dat de rechtbank tot een bewezenverklaring van het onder 2 (eerste deel) ten laste gelegde kan komen.

De verdediging is van mening dat de rechtbank niet tot een (volledige) bewezenverklaring van het onder 2 (tweede deel) ten laste gelegde kan komen. De verdediging verzoekt vrijspraak van het witwassen ten aanzien van de Volkswagen Tiguan, de woninginventaris, en de uitgaven bij het Holland Casino, voor zover dit het bedrag aan contante opnames betreft. De verdediging voert daartoe in het bijzonder aan dat hiervan niet is komen vast te staan dat deze (voor het overgrote deel) zijn gefinancierd met uit misdrijf verkregen vermogen.

Oordeel van de rechtbank

Ten aanzien van feit 1

Aangezien verdachte het ten laste gelegde feit heeft bekend en de raadsman geen vrijspraak heeft bepleit, volstaat de rechtbank met toepassing van het bepaalde in artikel 359, derde lid, laatste volzin, van het Wetboek van Strafvordering, met een opsomming van de bewijsmiddelen.

De rechtbank overweegt dat verdachte ter terechtzitting heeft verklaard dat hij de hoogte van de door hem verduisterde bedragen niet heeft bijgehouden en dat hij dus niet weet of het door de ABN AMRO berekende verduisteringsbedrag ad € 800.882,59 juist is. Voorts zijn volgens verdachte door de benadeelde mogelijk ook andere bedragen, zoals vergoedingen en uitbetaling van declaraties, aan hem voldaan.

Dit standpunt is niet nader door verdachte gespecificeerd dan wel onderbouwd. Verdachte heeft niet aangegeven om wat voor vergoedingen en om welke bedragen het zou gaan. Op grond van de stukken, waaronder de arbeidsovereenkomst die verdachte met de benadeelde heeft gesloten, en het verhandelde ter terechtzitting is naar het oordeel van de rechtbank niet aannemelijk geworden, dat door de benadeelde naast het loon, ook andere bedragen aan verdachte zijn voldaan. Om die reden zal de rechtbank dan ook uitgaan van een verduisteringsbedrag van € 800.882,59 - zoals volgt uit het ambtsedig opgemaakt Proces-verbaal van verstrekking gegevens (bevindingen ABN AMRO).

Ten aanzien van feit 2

Eerste deel

Verdachte heeft ter terechtzitting van 4 juni 2013 verklaard dat hij op 14 december 2010 een auto (merk Volkswagen Tiguan) op 15 december 2010 een boot (van het merk Border Azuur Style 200 ) heeft overgeschreven op naam van zijn broer A.

Getuige A heeft verklaard dat de auto met kenteken en de boot op verzoek van zijn broer, verdachte, op zijn naam zijn overgeschreven. Er zouden schuldeisers bij zijn broer op de stoep staan en zijn broer was bang dat de goederen in beslag zouden worden genomen.

Tweede deel

Uit onderzoek naar mutaties van ABN AMRO-bankrekeningnummer op naam van verdachte over de periode 18 januari 2006 tot en met 31 augustus 2011 blijkt dat door verdachte in totaal een bedrag van € 1.127.684,80 is uitgegeven bij diverse vestigingen van Holland Casino.

Voorts blijkt uit het onderzoek dat vanaf het rekeningnummer dat grote uitgaven zijn gedaan, onder meer:

  • Op 20/8/2008 van € 37.398,00 aan autodealer bedrijf 1 te Leidschendam (vermoedelijke aanschaf van een Volkswagen Tiguan).
  • Op 16/10/2010 van € 13.799,00 aan autodealer bedrijf 2 te Den Haag (vermoedelijke aanschaf van een Toyota Yaris).
  • Op 3/6/2009 van € 10.000,00 aan bedrijf 3 (vermoedelijke aanschaf van een boot).
  • Op 7/2/2007 van € 17.988,00 aan bedrijf 4 (vermoedelijke aanschaf van een caravan).
  • Op 10/5/2007 van € 1.990,00 aan  bedrijf 5 (juwelier).
  • Op 12/7/2007 van € 18.200,00 aan bedrijf 6 (woningrichting).

Verdachte heeft ter terechtzitting verklaard dat hij de hoogte van het vergokte bedrag niet exact kan bevestigen, maar dat het wel in de lijn van het ten laste gelegde bedrag (ad € 1.127.684,80) is. De rechtbank zal dan ook van dit bedrag uitgaan.

Vermenging

De verdediging heeft betoogd dat de Volkswagen Tiguan en de aanschaffen voor de woning en andere grote aankopen met legaal vermogen zijn betaald, zodat wat betreft die goederen geen sprake is van witwassen. Daartoe is gesteld dat de auto is aangeschaft aan het begin van de ten laste gelegde periode, dat deze grotendeels met de inruilwaarde van de vorige auto is gefinancierd en dat door verkoop van een woning ongeveer 70 duizend euro spaargeld beschikbaar was, zodat daarmee de grote aanschaffen konden worden betaald.

Onder verwijzing naar het arrest van de Hoge Raad van 23 november 2010 (LJN BN0578), is de rechtbank is van oordeel dat het gehele vermogen van verdachte en zijn echtgenote door de toevoeging van de uit misdrijf afkomstige vermogensbestanddelen is ‘besmet’. Daarbij is in aanmerking genomen de verhouding tussen de omvang van de vermogensbestanddelen die middels verduistering zijn verkregen en de omvang van de legale inkomsten van verdachte en zijn echtgenote (medeverdachte), het structurele karakter waarmee de vermenging plaats heeft gehad, de lange periode gedurende welke illegale vermogensbestanddelen zijn verkregen alsmede de wijze waarop deze met elkaar vermengd zijn geraakt.

Wat betreft de legale en illegale inkomsten, blijkt uit financieel onderzoek (proces-verbaal van verstrekking van gegevens (bevindingen ABN AMRO) dat Van Aalst en zijn echtgenote over de periode 2006 – 2010 totaal € 226.122,65 aan salaris hebben ontvangen. Daartegenover staat een bedrag van € 800.882,59 dat in deze periode door verdachte is verduisterd. Deze legale en illegale bedragen kwamen op de bankrekening van verdachte samen. De gelden op de bankrekening werden grotendeels gebruikt voor casinobezoeken. Voorts werden - geruime tijd nadat de verduistering was begonnen - van deze rekening (grote) aankopen gedaan. De door de verdediging expliciet genoemde Volkswagen Tiguan is in augustus 2008 aangeschaft, terwijl de ten laste gelegde periode aanvangt op 20 september 2006.

Gewoontewitwassen

De rechtbank is van oordeel dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het witwassen van criminele gelden. Gezien de veelheid van verschillende witwashandelingen en de lange periode waarin deze hebben plaatsgevonden, acht de rechtbank tevens wettig en overtuigend bewezen dat verdachte van het witwassen van criminele gelden een gewoonte heeft gemaakt.

Strafoplegging

Verdachte wordt wegens verduistering in dienstbetrekking, gewoonte- en schuldwitwassen veroordeeld tot een gevangenisstraf van 18 maanden waarvan 10 maanden voorwaardelijk. Het geschat voordeel minus toegewezen bedrag in civiele provedure en toegewezen bedrag aan benadeelde partij bedraagt € 68.000,00.

 

Lees hier de volledige uitspraak.

Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF