Veroordeling wegens valsheid in geschrifte en oplichting. Verdachte heeft 2,5 jaar lang persoonsgebonden budget voor de zorg van zijn reeds overleden echtgenote ontvangen.

Rechtbank Limburg 21 januari 2016, ECLI:NL:RBLIM:2016:933 Verdachte heeft zich vanaf 3 november 2010 gedurende een periode van bijna 2,5 jaar schuldig gemaakt aan oplichting. In deze periode heeft hij verantwoordingsformulieren ingevuld op naam van zijn echtgenote en hierop haar handtekening vervalst, terwijl zijn vrouw op 3 november 2010 was overleden.

Door dit te doen heeft hij op papier de kosten die hij in het kader van een persoonsgebonden budget ontving voor de zorg van zijn echtgenote verantwoord, terwijl er door het overlijden van zijn vrouw geen zorg meer was verleend. Aldus heeft hij bewerkstelligd dat de uitkerende instantie de betaling van het budget ten onrechte heeft voortgezet. De ten onrechte uitgekeerde bedragen heeft hij vervolgens behouden, waarbij hij heeft verklaard dat wanneer dit niet was ontdekt, hij waarschijnlijk niet uit zichzelf was gestopt. Verdachte heeft op deze manier een totaalbedrag van € 263.019,01 ontvangen.

Tijdens het onderzoek ter terechtzitting heeft de rechtbank geen duidelijk antwoord kunnen krijgen op de vraag hoe verdachte tot zijn daden is gekomen. Verdachte heeft hierover verklaard dat hij het eerste ten onrechte uitgekeerde geld kort na het overlijden van zijn echtgenote heeft ontvangen.

Omdat hij krap bij kas zat heeft hij dat geld gebruikt om de begrafeniskosten te betalen. Dit verklaart echter niet waarom verdachte ook daarna het geld zelf heeft gehouden en dit heeft besteed aan allerlei luxe goederen(zoals het opknappen van zijn woning, dure vakanties en de aankoop van zes oldtimers), waardoor hij uiteindelijk in 2,5 jaar tijd meer dan € 250.000,- aan gemeenschapsgeld heeft misbruikt.

De rechtbank veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf van 12 maanden, waarvan 3 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaren.

Lees hier de volledige uitspraak.

 

Print Friendly and PDF