Twintig maanden cel voor fraude met persoonsgebonden budgetten

Een 47-jarige vrouw uit Almere is afgelopen vrijdag door de rechtbank Midden-Nederland veroordeeld tot 20 maanden gevangenisstraf, waarvan 6 voorwaardelijk, voor jarenlange fraude met persoonsgebonden budgetten.

De rechtbank achtte bewezen dat de vrouw de fraude pleegde door geld dat was 'overgebleven' naar haar privérekening te laten overmaken door diverse budgethouders. Zij stortte vervolgens een deel van het geld terug naar de budgethouders of betaalde ze contant. Om deze constructie te verhullen, maakte ze valse facturen op voor zorg die helemaal niet verleend werd. Formulieren waarmee het PGB-geld moest worden verantwoord, werden vervolgens in ‘nauwe en bewuste samenwerking’ met de budgethouders vervalst.

De rechtbank achtte de vrouw daarnaast schuldig aan het doen van onjuiste belastingaangifte, uitkeringsfraude en witwassen van het gefraudeerde geld, een bedrag van bijna 674.000 euro. Een aanzienlijk deel van het geld werd besteed aan gokken.

De rechtbank oordeelde dat verdachte misbruik heeft gemaakt van de sociale voorzieningen en dat mede door haar handelen het PGB in een slecht daglicht is komen te staan. De rechtbank nam het de verdachte ook kwalijk dat zij de verantwoordelijkheid afschuift op anderen. De rechtbank vond alles afwegende een gevangenisstraf van 20 maanden, waarvan zes maanden voorwaardelijk de meest passende straf. De rechtbank legde een proeftijd van 3 jaar op, als stok achter de deur voor de vrouw. De rechtbank vond het opleggen van een door de officier van justitie geëist beroepsverbod in de AWBZ-sector niet nodig.

Medeverdachten

Een 35-jarige man die bij de hoofdverdachte inwoonde, werd door de rechtbank veroordeeld voor schuldheling. Hij maakte gebruik van geld en goederen die vrouw er als gevolg van de PGB-fraude op nahield en profiteerde daarmee van de fraude. Hij kreeg een taakstraf van 200 uur opgelegd.

Een 47-jarige man uit Holten, die korte tijd als financieel adviseur werkzaamheden verrichtte voor de hoofdverdachte, werd door de rechtbank vrijgesproken. Hij werd verdacht van het vervalsen van drie verantwoordingsformulieren, maar volgens de rechtbank kon niet worden bewezen dat hij op de hoogte was van de valsheid van de formulieren.

 

Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF