Studiedag 'Profileren en Selecteren binnen de Strafrechtspleging: Efficiëntie of Discriminatie?'

Het vroegtijdig signaleren en aanpakken van veiligheidsrisico’s is gedurende de afgelopen jaren over de gehele linie van de strafrechtspleging steeds belangrijker geworden. De gedachte die hieraan ten grondslag ligt is dat criminaliteit, als ieder ander risico, ‘gemanaged’ en beheerst kan worden. De beperkte middelen die ter beschikking staan van de verschillende ketenpartners dienen zo efficiënt mogelijk ingezet te worden om veiligheidsrisico’s aan te pakken. Deze bedrijfsmatige benadering van de strafrechtspleging heeft onder meer tot gevolg gehad dat er meer ruimte is gecreëerd voor de professionele intuïtie van opsporingsambtenaren,  dat de reclassering meer werkt op basis van risicotaxaties en dat risicofactoren een grote rol spelen bij de straftoemetingsbeslissing van rechters: profileren en selecteren geschiedt door de hele strafrechtsketen.  Deze ontwikkeling creëert een spanningsveld tussen enerzijds efficiëntie en anderzijds het gelijkheidsbeginsel. Bij risicotaxatie worden mensen geprofileerd en gecategoriseerd als een zeker veiligheidsrisico. Hierdoor bestaat het gevaar dat bepaalde sociale groepen anders worden behandeld door het strafrechtelijk systeem. Vanuit de wens van het ministerie van Veiligheid en Justitie om middelen zo efficiënt mogelijk in te zetten is dit wellicht begrijpelijk, echter, vanuit het gelijkheidsbeginsel bezien is dit wellicht verwerpelijk te noemen.

Dit alles roept de vraag op in hoeverre het streven naar efficiëntie in de strafrechtspleging ten koste mag gaan van het gelijkheidsbeginsel. Hoe gaat de individuele opsporingsambtenaar in zijn dagelijkse praktijk met deze spanning om? Hoe verhoudt de wens van de rechter om maatwerk te leveren zich tot het gelijkheidsbeginsel? In hoeverre worden sommige sociale groepen uitgesloten van bepaalde interventies die als bijzondere voorwaarde opgelegd kunnen worden? In welke mate en op welke wijze kan de verdediging invloed uitoefenen op de selectieprocessen?

Deze en andere vragen zullen aan de orde worden gesteld op de studiedag van PROCES die op 13 december 2013 in Leiden in de Faculteit der Rechtsgeleerdheid zal plaatsvinden.

Programma

Ochtendprogramma 09.00 - 09.30 uur - Registratie en ontvangst met koffie en thee 09.30 - 09.45 uur - Opening door dagvoorzitter Janine Janssen (Nationale Politie / Vrije Universiteit Amsterdam / PROCES) 09.45 - 11.15 uur - Plenaire sprekers 11.15 - 11.45 uur - Pauze met koffie en thee 11.45 - 12.15 uur - Plenaire spreker 12.15 - 13.00 uur - Discussie met de zaal

In het ochtendprogramma zullen plenaire sprekers vanuit de (rechts)wetenschap en de praktijk reflecteren op het thema profileren en selecteren in de strafrechtspleging. Zo zal Prof. dr. J.P. van der Leun (Criminologie, Universiteit Leiden) vanuit een criminologisch perspectief de theorie en empirie van selectiviteit belichten, in haar lezing getiteld ‘Kleurenblind de criminaliteit te lijf? Vanuit juridische hoek zal vervolgens worden stilgestaan bij de mogelijke spanningen tussen het hanteren van een mogelijk efficiënt doch selectief beleid en fundamentele juridische beginselen zoals het gelijkheidsbeginsel. De ochtend zal worden afgesloten met een terugkoppeling naar de praktijk van de (straf)rechtspleging en de dagelijkse realiteit voor burgers, door Nynke van der Bijl, projectleider bij de Nationale Ombudsman. Zij zal in haar bijdrage ‘Waarborgen bij preventief fouilleren. Over de spanning tussen veiligheid, privacy en selectie’ spreken over de twee onderzoeken die die Ombudsman heeft uitgevoerd naar preventief fouilleren.

Middagprogramma 13.00 - 14.00 uur - Lunch 14.00 - 15.00 uur - Werkgroepronde I 15.00 - 15.30 uur - Pauze 15.30 - 16.30 uur - Werkgroepronde II 16.30 - 17.00 uur - Plenaire terugkoppeling en afsluiting – Janine Janssen 17.00 - 18.00 uur - Borrel

In de middag worden werkgroepen verzorgd over de volgende onderwerpen:

  • ZSM in 2014: de advocaat aan de selectietafel?       Voorzitter: Rob van Noort - Openbaar Ministerie Den Haag / PROCES Referenten: Mr. M. Vink - Landelijk ZSM officier van justitie / landelijk programmateam ZSM en Mr. C.J.M. van den Brûle – Advocaat, Den Haag / Adviescommissie strafrecht, Haagse Orde van Advocaten.

    Opeens was er begin maart 2011 de introductie van “ZSM”: de nieuwe werkwijze in de strafrechtketen voor veel voorkomende criminaliteit. Een vernieuwende samenwerkingsvorm van het Openbaar Ministerie, Politie en ketenpartners waarbij de officier van justitie zelf op een politiebureau strafzaken beoordeelt. Er zijn de afgelopen jaren tienduizenden zaken volgens het ZSM-model behandeld. Dit aantal zal het komende jaar verder stijgen. In 2014 zal ZSM verder worden ontwikkeld. Er zijn nog voldoende vragen te stellen rond de ZSM-werkwijze: hoe staat het eigenlijk met ZSM en rechtsbescherming? Op welke wijze kan de advocatuur actiever betrokken worden bij het selectieproces? Deze en andere vragen zullen in deze workshop aan de orde komen.

  • Selectieve aanpak van jongeren in het strafrecht    Voorzitter: Jeannette Bruins – Rechter-plaatsvervanger, rechtbank Utrecht / PROCES Referenten: Mr. R. de Kruijk – Openbaar Ministerie Utrecht, voortrekker ‘kopstukkenproject’ Utrecht en Mr. drs. M. Jeltes - (Jeugd)strafrechtadvocaat bij JSTW Advocaten / criminoloog / voorzitter JRAA (jeugdrechtadvocaten Amsterdam).

    In de strafrechtelijke aanpak van jeugdcriminaliteit en –overlast is de laatste jaren een tendens zichtbaar van selectie en categorisatie. De meest actieve en gevaarlijke criminelen worden in kaart gebracht, en de aanpak wordt voornamelijk op hen gericht. In deze werkgroep wordt vanuit zowel het OM als vanuit de advocatuur gekeken naar de selectieve aanpak van jeugdige criminelen in Utrecht en Amsterdam. Daar de verschillende actoren binnen de (straf)rechtspleging – naast het OM en de advocatuur ook de rechterlijke macht – in toenemende mate te maken krijgen met dit soort zaken, zal deze werkgroep voor alle actoren naast een belangrijke bron van informatie ook een platform voor discussie vormen. Mr. R. de Kruijk is een van de voortrekkers van het ‘kopstukkenproject’ in Utrecht. Het ‘kopstukkenproject’ is een speciaal project om overlast van jeugdbendes tegen te gaan. Gemeente, politie, OM, jongerenwerk en andere justitiële- en zorgpartners werken intensief met elkaar samen om jeugdgroepen op te sporen, te categoriseren, te volgen en aan te pakken. Mr. M. Jeltes, jeugd(straf)rechtadvocaat in Amsterdam, zal reflecteren op de ‘Top-600-aanpak’ van de Gemeente Amsterdam. De Top-600 aanpak is een integrale benadering waarin ruim 30 organisaties in de strafrechtketen, gemeente, zorg en semioverheid samenwerken om 600 ‘kopstukken’, waaronder jeugdige plegers onder 21 jaar, in kaart te brengen en aan te pakken. De aanpak kent drie hoofdlijnen: lik-op-stuk (snel en consequent straffen, snel voor de rechter brengen); zorg en instroombeperking door screening van broertjes en zusjes van de top-600.

  • Selectie bij de politie Voorzitter: Janine Janssen (Politie Haaglanden / Vrije Universiteit Amsterdam / PROCES) Referenten: Dr. M. Althoff – Rijksuniversiteit Groningen (werkgroepronde I) en Dr. G. Vanderveen – Universiteit Leiden  (werkgroepronde II).

    De politie speelt een grote rol in de veiligheidszorg. Maar de politie pakt niet alles aan: er vindt selectie plaats. Uiteraard wordt het politiewerk afgebakend op basis van onder meer formele verantwoordelijkheden, bevoegdheden en professionele kennis. Ook speelt de beperkte capaciteit en middelen een rol. Maar selectie wordt eveneens bepaald door al dan niet bewuste aannames over de manier waarop het politiewerk gestalte moet krijgen en ten aanzien van veiligheidsvraagstukken in de samenleving keuzes op het terrein van politieel beleid. Deze twee aspecten van selectie staan in deze werkgroep centraal. Dr. G. Vanderveen zal spreken over selectie en de rol van beeldmateriaal bij het verzamelen van bewijsmateriaal door de politie op een plaats delict. Wat wordt op een plaats delict gefotografeerd, wat is daarvan terug te vinden in het PV en het uiteindelijk dossier? Dr. M. Althoff belicht een ander aspect van selectie: zij zal stilstaan bij de vraag hoe opvattingen over gender het politiewerk beïnvloeden aan de hand van criminologisch onderzoek naar vrouwen en meisjes.

  • Besluitvorming na risicotaxatie en klinische forensische observatie Voorzitter: Jaap van Vliet - Leger des Heils Jeugdzorg & Reclassering, Hogeschool Utrecht/PROCES Referenten: Drs. J. Bosker, Onderzoeker Kenniscentrum Sociale Innovatie, Hogeschool Utrecht en Mr. C. Schalk, jurist, en drs. Medy Hulshof, gedragsdeskundige bij de forensische observatieafdeling van JJI Teylingereind.

    Reclassering en jeugdzorg gebruiken meer en meer gestructureerde en wetenschappelijk onderbouwde methoden en “instrumenten” om te komen tot diagnostiek en taxatie van risico’s op recidive. Maar om tot besluitvorming te komen, is daarnaast ook een oordeel nodig van de professional om te komen tot een bruikbaar, op het individu afgestemd, advies. Op basis waarvan wordt deze professionele afweging gemaakt? In deze werkgroep zullen de genoemde aspecten worden belicht vanuit zowel reclassering als de jeugdpsychiatrie. Drs. J. Bosker werkt aan een promotieonderzoek over beslissingsondersteuning bij de indicatiestelling door reclasseringswerkers. Om tot een goed besluit te komen, is het proces van indicatiestelling op dit moment in zekere mate gestructureerd: de medewerker moet een vast aantal vragen beantwoorden en er vindt daarnaast altijd collegiale consultatie plaats. Die indicatiestelling levert echter nog onvoldoende kwaliteit op. Drs. J. Bosker zal op basis van dit onderzoek spreken over de besluitvorming door reclasseringswerkers na het uitvoeren van een risicotaxatie op basis van de RISc en op welke wijze deze kan worden versterkt. Mr. C. Schalk en Drs. M. Hulshof zullen spreken over klinische forensische observatie van jongvolwassenen. Zij zullen daarbij onder meer ingaan op de vragen hoe de observatie leidt tot een advies en  wat de effecten zijn van het door de observandus weigeren mee te werken aan observatie.

Kosten

De kosten van de studiedag zijn €100 voor abonnees van PROCES of aanstaande abonnees, €150 voor niet-abonnees en €50 voor studenten.

NOvA-punten

Deelnemers die aangeven dat zij PO-punten van de NOvA willen aanvragen voor het volgen van de studiedag, ontvangen na afloop een certificaat van deelname. Met dit certificaat dient u zelf de PO-punten aan te vragen bij de NOvA. Eén volledig uur ‘les’ staat voor 1 PO-punt. Volledige deelname aan de dag houdt 5 lesuren in.

Aanmelden

Vul het aanmeldingsformulier in en stuur dit op naar: Universiteit Leiden, Instituut voor Strafrecht & Criminologie, t.a.v. S.G.C. van Wingerden, Postbus 9520, 2300 RA Leiden of faxen naar: +31 (0)71-527 7700. Aanmelden kan ook per e-mail: S.G.C.vanWingerden@law.leidenuniv.nl. Na aanmelding ontvangt u een factuur.

Annuleringsvoorwaarden

Bij schriftelijke annulering voor 15 november 2013 vindt restitutie van het inschrijfgeld plaats. Bij annulering op of na 15 november 2013 vindt geen restitutie plaats, maar kan wel een vervanger worden gezocht.

Klik hier voor meer informatie.

Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF