Slagende bewijsklacht medeplegen valsheid in geschrifte in het kader van bijstandsfraude

Hoge Raad 10 december 2013, ECLI:NL:HR:2013:1750

Feiten

Het Gerechtshof te Arnhem, nevenzittingsplaats Leeuwarden, heeft de verdachte bij arrest van 30 september 2011 veroordeeld wegens het medeplegen van valsheid in geschrift, meermalen gepleegd, tot een werkstraf voor de duur van 150 uren, subsidiair 75 dagen hechtenis, waarvan 70 uren voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaar.

De bewezenverklaring steunt op de volgende bewijsmiddelen:

"Uit de bijlagen van het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal van de sociale recherche Flevoland, genummerd 070059/6017157/0, opgemaakt door [verbalisant 1], sociaal rechercheur in dienst van de gemeente Almere, als zodanig buitengewoon opsporingsambtenaar, gesloten op 6 augustus 2008:

1. als relaas van verbalisant [verbalisant 1] voornoemd, zakelijk weergegeven (blz. 3 ev):

In de periode 13 maart 2003 tot 6 november 2007 ontving verdachte een uitkering ingevolge de Abw/WWB, norm alleenstaande, middels de afdeling Werk en Inkomen van de gemeente Lelystad.

Aan de toekenning van de uitkering werd onder meer de voorwaarde verbonden dat de verdachten [verdachte] en [medeverdachte] op verzoek of onverwijld uit eigen beweging mededeling maken van alle feiten en omstandigheden, waaronder werkzaamheden en/of inkomsten en wijzigingen in de leefsituatie, waarvan hem/hen redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat zij van invloed kunnen zijn op het recht, hoogte en de continuering van de uitkering.

Voor de verstrekking van deze gegevens dienden de verdachten gebruik te maken van verstrekte formulieren, zijnde de rechtmatigheidsonderzoeksformulieren en/of mutatieformulieren. Voornoemde voorwaarde is bepaald in artikel 65 van de Abw.

Uit het ingestelde onderzoek is gebleken dat verdachte [verdachte]:

- in de periode van 24 maart 2003 tot en met 30 juli 2008 al dan niet met onderbrekingen, in de gemeente Lelystad de ten name van [verdachte] gestelde rechtmatigheidsonderzoeksformulieren kennelijk opzettelijk valselijk heeft ingevuld en ondertekend en vervolgens als echt en onvervalst heeft ingeleverd bij de afdeling Werk en Inkomen van de gemeente Lelystad, waardoor hij een uitkering ontving, waarop hij geen recht had;

2. een proces-verbaal van verhoor van [medeverdachte], opgemaakt door [verbalisant 2] en [verbalisant 3], beiden sociaal rechercheur, tevens buitengewoon opsporingsambtenaar, gesloten op 30 juli 2008, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven (bijlage 14):

Ik ben aangehouden omdat [verdachte] wel eens bij mij is. Ik had een LAT-relatie met [verdachte]. Ik heb een uitkering van de gemeente. Ik heb wel met [verdachte] samengewoond. Ik heb [verdachte] uit de woning gezet en wilde geen relatie meer. [verdachte] en ik zijn nooit echt los van elkaar geweest. [verdachte] is nu veel bij mij. Met veel bedoel ik 3 à 4 dagen per week. Dit is zo sinds een maand of 3 à 4. [verdachte] sliep daarvoor ook vaak bij mij maar nooit de hele week.

3. een proces-verbaal van verhoor van [betrokkene 1]. wonende [a-straat 1] te Lelystad, opgemaakt door [verbalisant 4] en [verbalisant 5], beiden sociaal rechercheur, tevens buitengewoon opsporingsambtenaar, gesloten op 30 juli 2008, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven (bijlage 17):

Opmerking: verbalisanten tonen de kopie pasfoto's van [verdachte] en [medeverdachte].

Deze personen wonen allebei op de [a-straat 2]. Ik woon al 15 jaar op dit adres. Zij wonen alle twee zeker 14 jaar op de [a-straat 2]. Ze zijn net na mij hier komen wonen. Ik weet dat allemaal omdat ik goed zicht heb op de woning aan [a-straat 2]. De man en de vrouw wonen al 14 jaar onafgebroken op de [a-straat 2]. De man op de foto zie ik dagelijks.

4. een proces-verbaal van verhoor van [betrokkene 2], opgemaakt door [verbalisant 4] en [verbalisant 5], beiden sociaal rechercheur, tevens buitengewoon opsporingsambtenaar, gesloten op 30 juli 2008, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven (bijlage 22):

Op [a-straat 2] te Lelystad woont mijn vriendin [betrokkene 3], haar moeder [medeverdachte] en haar stiefvader [verdachte]. [verdachte] staat niet ingeschreven op [a-straat 2]. Ik kom ongeveer al drie jaar bij [betrokkene 3] over de vloer. Sinds die tijd is [verdachte] ook op de [a-straat 2].

5. als schriftelijke bescheiden, rechtmatigheidsonderzoeksformulieren AWB/WWB van de gemeente Lelystad, Afdeling Werk en Inkomen, gericht aan en ondertekend door verdachte en betrekking hebbend op de periode 13 maart 2003 tot en met november 2007 (bijlage 27 - de Hoge Raad leest: 26)."

Namens de verdachte is beroep in cassatie ingesteld. Mr. V.C. van de Velde, advocaat te Almere, heeft een schriftuur ingezonden, houdende één middel van cassatie.

Middel

Het middel klaagt onder meer dat de bewezenverklaring ten aanzien van het 'medeplegen' onvoldoende met redenen is omkleed.

Beoordeling Hoge Raad

Aangezien de bewezenverklaring, voor zover behelzende dat de verdachte meermalen "tezamen en in vereniging met een ander" een tot bewijs van enig feit bestemd geschrift valselijk heeft opgemaakt, niet zonder meer kan worden afgeleid uit de inhoud van de gebezigde bewijsmiddelen, is de uitspraak niet naar de eis der wet met redenen omkleed en is het middel in zoverre derhalve terecht voorgesteld.

Lees hier de volledige uitspraak.

Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF