Optreden van douaneautoriteiten ten aanzien van goederen waarvan wordt vermoed dat zij inbreuk maken op intellectuele eigendomsrechten

Conclusie van Advocaat-Generaal P. CRUZ VILLALÓN van 28 januari 2014 in de zaak C-583/12 – Sintax Trading

In februari 2010 wordt in de databank voor modellen in EST een fles ingeschreven op naam van OÜ Acerra. In december van dat jaar arriveert een zending flessen mondspoelwater afkomstig van de Oekraïense firma OOO Galterra bij verzoekster. Acerra stelt vervolgens dat verzoekster een product probeert te leveren dat verpakt is in flessen die modelrechtelijk zijn beschermd. De douane verricht onderzoek en stelt vast dat er door de grote mate van overeenstemming gegronde verdenking op namaak bestaat. Zij houdt de voor verzoekster geleverde goederen vast in een douane-entrepot en vraagt Acerra om een beoordeling van het product. Acerra bevestigt begin 2011 dat de flessen identiek zijn aan haar gedeponeerde model. Verzoekster vraagt vrijgave van de goederen maar dat wordt afgewezen omdat dat inbreuk zou maken op Vo. 1383/2003.

Verzoekster gaat in beroep omdat zij van oordeel is dat (zoals in artikel 2 van Vo. 1383/2003 bepaald) de douaneaut in een procedure tot vaststelling van een inbreuk op een intellectueel eigendomsrecht moeten aantonen dat het goederen betreft die door piraterij zijn verkregen. Het is onvoldoende dat alleen Acerra heeft verklaard dat er van inbreuk sprake is.

Verweerster meent echter dat er sprake is van zoveel gelijkenis dat de goederen kunnen worden verward met het gedeponeerde model.

De verwijzende EST rechter vraagt zich echter af of douaneautoriteiten bevoegd zijn om een inbreuk op een IE-recht vast te stellen, en stelt het HvJEU de volgende vragen: 1) Kan de in artikel 13, lid 1, van verordening nr. 1383/2003 genoemde „procedure die is ingeleid om te bepalen of … een intellectueel eigendomsrecht is geschonden”, ook worden gevoerd bij de douanedienst, of dient de in hoofdstuk III van de verordening behandelde „bevoegde autoriteit die een besluit ten gronde kan nemen” gescheiden te zijn van de douaneautoriteiten? 

2) In punt 2 van de considerans van verordening nr. 1383/2003 wordt als doelstelling van de verordening bescherming van de consumenten genoemd, en overeenkomstig punt 3 van die considerans moet in een procedure worden voorzien die de douaneautoriteiten de mogelijkheid geeft het verbod om goederen die inbreuk maken op een intellectuele-eigendomsrecht in het douanegebied van de Gemeenschap binnen te brengen, zo doeltreffend mogelijk te handhaven, zonder evenwel de in punt 2 van de considerans van deze verordening en in punt 1 van de considerans van uitvoeringsverordening nr. 1891/2004 genoemde vrijheid van het legitieme handelsverkeer in het gedrang te brengen. 

Is het met deze doelstellingen verenigbaar dat de in artikel 17 van verordening nr. 1383/2003 vastgelegde maatregelen alleen kunnen worden toegepast wanneer de houder van het recht de in artikel 13, lid 1, van de verordening genoemde procedure tot vaststelling van een inbreuk op een intellectuele-eigendomsrecht inleidt, of moet met het oog op een zo doeltreffend mogelijke verwezenlijking van deze doelstellingen, ook de douaneautoriteit de mogelijkheid hebben om de desbetreffende procedure in te leiden?

AG: Artikel 13, lid 1, van verordening (EG) nr. 1383/2003 staat niet eraan in de weg dat de lidstaten de douaneautoriteiten de bevoegdheid verlenen om de in die bepaling bedoelde procedure te voeren, op voorwaarde dat naar nationaal recht uitdrukkelijk is voorzien in die bevoegdheid, de douaneautoriteiten handelen op een wijze die hun onafhankelijkheid en onpartijdigheid waarborgt, het recht om te worden gehoord wordt geëerbiedigd en rechterlijke toetsing mogelijk is. De lidstaten kunnen daarbij bepalen dat de douaneautoriteiten die procedure ook zelf formeel kunnen inleiden.

 

Meer weten over de handhaving van intellectuele eigendomsrecht? Kom dan op Dinsdag 3 juni 2014  (14.00 - 17.45 uur) naar de Studiemiddag Strafrechtelijke Hand- having van Intellectuele Eigendomsrechten.

Sprekers:

  • Marc Pluimers (OvJ Functioneel Parket Zwolle)
  • Peter Sannes (Landelijk Coördinator IER, Douane Groningen)
  • Reindert van der Zaal en Maarten Schut (Advocaten bij Kennedy Van der Laan)

Klik hier voor meer informatie.

 

 

Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF