Openbaar Ministerie ontvankelijk in grote hypotheekfraudezaak Peseta

De rechtbank Midden-Nederland oordeelde donderdag dat het Openbaar Ministerie wel ontvankelijk is in een grote hypotheekfraudezaak, ook wel de Peseta-zaak genoemd. In de zaak staan 13 verdachten terecht voor onder meer valsheid in geschrifte en het witwassen van crimineel geld. Alle advocaten voerden op vier zittingsdagen in november 2013 meerdere verweren waarom het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk zou zijn.

De advocaten voerden onder andere aan dat het Openbaar Ministerie informatie uit een ander opsporingsonderzoek niet had mogen gebruiken voor de Peseta-zaak. Ook zouden de verhoren rondom een belangrijke getuige niet volgens de wet zijn verlopen.

De rechtbank overweegt dat niet gebleken is van vormverzuimen die moeten leiden tot niet-ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie. Met name is niet gebleken dat de start van het onderzoek Peseta is gebaseerd op onrechtmatig verkregen informatie. Bij het horen van een getuige is onder andere een deel van de verhoren niet opgenomen en daarmee zijn de verklaringen van deze getuige niet controleerbaar. Deze gebreken zijn echter niet dusdanig ernstig dat dit de niet-ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie tot gevolg kan hebben. Ditzelfde geldt voor een aantal andere door de rechtbank geconstateerde gebreken in het onderzoek Peseta. Wel zal de rechtbank na de inhoudelijke behandeling van de zaak zich uitlaten over de vraag of aan de geconstateerde verzuimen en gebreken consequenties moeten worden verbonden.

De zaak wordt naar verwachting in maart 2014 voortgezet.

Bron: de Rechtspraak

Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF