Onttrekking aan het verkeer: Nu de bestreden uitspraak niets inhoudt omtrent de vaststelling van enig strafbaar feit, is niet voldaan aan het vereiste

Hoge Raad 18 maart 2014, ECLI:NL:HR:2014:649

Feiten

Verdachte is bij arrest van 3 mei 2012, volgend op een terugwijzing door de Hoge Raad op 2 februari 20101, door het Gerechtshof te Amsterdam vrijgesproken van het voorhanden hebben van twee vuurwapens en munitie gedurende een vlucht en op het vliegveld Schiphol. Voorts heeft het hof de onttrekking aan het verkeer bevolen van het revolver en het pistool die in beslag genomen waren.

Middel

Het middel behelst de klacht dat de onttrekking aan het verkeer is bevolen zonder dat is vastgesteld dat een strafbaar feit is begaan.

Beoordeling Hoge Raad

Aan de verdachte is tenlastegelegd dat: "hij op of omstreeks 06 juni 2006 te Schiphol, gemeente Haarlemmermeer, aan boord van een luchtvaarttuig of op een luchtvaartterrein als omschreven in artikel 1 van de Luchtvaartwet (een) wapen(s) van categorie III, te weten - een revolver, merk North American Arms Inc, kaliber .22 Long en/of - een pistool, merk Colt, kaliber .380 auto, en/of bij die/dat wapen(s) behorende munitie van categorie III, te weten - vijf (5) scherpe patronen, kaliber .22 Long en/of - vijf (5) scherpe patronen, kaliber .380 Auto, voorhanden heeft gehad."

De verdachte is hiervan vrijgesproken. Deze vrijspraak is als volgt gemotiveerd: "Naar het oordeel van het hof is niet wettig en overtuigend bewezen hetgeen de verdachte is ten laste gelegd, zodat de verdachte hiervan moet worden vrijgesproken."

Voorts is de onttrekking aan het verkeer bevolen van de volgende inbeslaggenomen, nog niet teruggegeven voorwerpen:

  • een revolver, kleur zilver, North American g 43488;
  • een pistool, kleur zwart, Colt MK '80 mu55680.

Deze beslissing is als volgt gemotiveerd: "Aangezien het bezit van de in de tenlastelegging genoemde, inbeslaggenomen en nog niet teruggegeven, wapens in strijd is met de wet, zal het hof de onttrekking aan het verkeer daarvan gelasten."

Art. 36b, eerste lid aanhef onder 3°, Sr luidt:

"1. Onttrekking aan het verkeer van in beslag genomen voorwerpen kan worden uitgesproken: (...)

3° bij de rechterlijke uitspraak waarbij, niettegenstaande vrijspraak of ontslag van alle rechtsvervolging, wordt vastgesteld dat een strafbaar feit is begaan."

De verdachte is vrijgesproken van het tenlastegelegde. Bij gebreke van een bewezenverklaring is de rechter in het kader van het beslissingsschema van art. 350 Sv dus niet toegekomen aan de vraag of sprake was van een strafbaar feit. Nu de onttrekking aan het verkeer van de inbeslaggenomen voorwerpen is bevolen maar de bestreden uitspraak niets inhoudt omtrent de vaststelling van enig strafbaar feit, is niet voldaan aan het vereiste van art. 36b, eerste lid aanhef onder 3°, Sr.

Het middel is terecht voorgesteld.

Lees hier de volledige uitspraak.

Print Friendly and PDF