Inzet stille sms en IMSI-catcher bij opsporing mag

Stille sms en een IMSI-catcher mogen worden gebruikt bij de opsporing van een verdachte. Wanneer deze technische opsporingsmiddelen slechts beperkt inbreuk maken op de persoonlijke levenssfeer van een verdachte dan is voor de inzet van deze middelen geen aparte wettelijke regeling  nodig. Dat heeft de Hoge Raad vandaag geoordeeld in drie zaken waarin advocaten bezwaar maakten tegen in hun ogen onrechtmatige inzet van deze opsporingsmethoden.

Met toestemming van de officier van justitie werd met een IMSI-catcher het gsm-toestel van een verdachte getraceerd. Zo kon deze verdachte van een poging tot moord worden aangehouden.

Door, in een andere zaak, stille sms’en (de ontvanger ziet deze sms’en niet) te sturen naar de toestellen van twee verdachten wist de politie een draaiend amfetaminelaboratorium op te sporen. Ook dit gebeurde met toestemming van de officier van justitie.

Wat de verdachten deden of zeiden kon met behulp van deze middelen niet worden waargenomen. Het hof kon dus in deze zaken inderdaad oordelen dat met deze middelen slechts een beperkte inbreuk werd gemaakt  op de privacy van de verdachten. Ook omdat de middelen slechts voor korte duur werden ingezet.
Indien met  dergelijke technische middelen een compleet beeld zou ontstaan van het persoonlijk leven van een verdachte kan de inzet ervan wel degelijk onrechtmatig zijn, aldus de Hoge Raad.
Print Friendly and PDF