Eerste Kamer neemt Wetsvoorstel versterking bestrijding financieel-economische criminaliteit aan

De Eerste Kamer heeft vandaag het Wetsvoorstel versterking bestrijding financieel-economische criminaliteit als hamerstuk afgedaan. Het voorstel is eerder op 1 juli 2014 met algemene stemmen aangenomen door de Tweede Kamer. Het voorstel gaat nu ter ondertekening naar de Koning en de verantwoordelijke bewindspersoon en  zal vervolgens worden opgenomen in het Staatsblad, waarna de wet (eventueel bij afzonderlijk koninklijk besluit) in werking kan treden.

Achtergrond

Het wetsvoorstel wijzigt het Wetboek van Strafrecht, het Wetboek van Strafvordering en de Wet op de economische delicten ter verbetering van de opsporing, vervolging en het voorkomen van financieel-economische criminaliteit. Hiermee geeft het kabinet uitvoering aan de voornemens in het regeerakkoord en de aanpassing van het regeerakkoord om financiële en georganiseerde criminaliteit hard aan te pakken.

Met dit voorstel worden de strafmaxima van een aantal financieel-economische delicten, zoals misbruik van gemeenschapsgeld, witwasbepalingen en corruptie verruimd of verhoogd. Het uit gewoonte plegen van (lichte) economische misdrijven wordt strafbaar en er komt een flexibel geldboeteplafond voor rechtspersonen en komt er een beperking van de aftrek van kosten bij de ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel. Tenslotte wordt de procedure voor toetsing van het verschoningsrecht aangepast.

Print Friendly and PDF