Doorzoekingen in onderzoek naar internationale belastingfraude via fiscaal spiegelpaleis

De FIOD heeft op 9 januari jl. met hulp van de Luxemburgse autoriteiten twee bedrijfspanden in Nederland en Luxemburg doorzocht. Dat gebeurde in een onderzoek naar belastingfraude met een vermoedelijk speciaal voor dit doel opgezette schijnconstructie met een bijbehorend doolhof van meerdere ondernemingen in diverse landen. Het gaat om een bedrag van 45.000.000 euro dat aan een (buitenlandse) belastingdienst afgedragen had moeten worden.

De doorzochte panden zijn een kantoor van een Nederlandse vermogensbeheerder en een Luxemburgs trustkantoor. Er is administratie in beslag genomen.De Nederlandse vermogensbeheerder en de drie directeuren en een manager, worden verdacht van het deelnemen aan een organisatie die onder meer tot doel had het doen van onjuiste aangiften dividendbelasting.  Het vermoeden is dat de Nederlandse vermogensbeheerder betrokken was bij het bedenken en opzetten van de ingewikkelde constructie. De constructie doet  vermoedelijk dienst als een internationaal fiscaal spiegelpaleis, waarin je iets anders ziet dan dat het is. De constructie zou alleen zijn opgezet om internationaal dividendbelastingfraude te plegen.  Dividendbelasting is een vorm van belasting die afgedragen moet worden over ‘winstuitkeringen’ die bedrijven doen.

Lening van 2 miljard euro

In de spiegelpaleisconstructie verstrekte een in Luxemburg opgerichte vennootschap fictief een lening van 2 miljard euro aan haar Luxemburgse moedermaatschappij. In ruil voor de ‘renteloze lening’ betaalde de moedermaatschappij een vergoeding van honderden miljoenen euro’s aan de dochtervennootschap. Die deed vervolgens een winstuitkering van honderden miljoenen euro’s aan de Nederlandse onderneming die aandelen bezat en die keerde dit op haar beurt weer uit aan een Brits bedrijf. Over de winstuitkering was 45 miljoen euro dividendbelasting verschuldigd. Dat is aan de Luxemburgse belastingdienst  afgedragen.

De Nederlandse vermogensbeheerder zou vervolgens bij het doorstorten van de winstuitkering naar Groot-Brittanië, een zogenoemde ‘nihil-aangifte’ voor dividendbelasting hebben gedaan. Dit omdat in Luxemburg al de dividendbelasting was betaald over de uitgekeerde winstdelingen, wat leidde tot een afdrachtvermindering door verrekening van de in Luxemburg afgedragen dividendbelasting. Uit gegevens van de Luxemburgse fiscus blijkt echter dat de dividendbelasting in Luxemburg weer was teruggehaald door de onderneming. Per saldo is er in Luxemburg dus geen dividendbelasting afgedragen. De vermogensbeheerder had in Nederland dus vermoedelijk geen ‘nihil-aangifte’ mogen doen. Het onderzoek zal moeten uitwijzen waar en op welke wijze enige belastingdienst uiteindelijk ook daadwerkelijk is benadeeld.

Bron: OM

 

Print Friendly and PDF