Directeur mestbedrijf BioSpares hoort jaar gevangenisstraf tegen zich eisen

Het Openbaar Ministerie (OM) heeft op 14 november in de rechtbank in Den Bosch een gevangenisstraf van een jaar – waarvan een half jaar voorwaardelijk- geëist tegen de directeur van BioSpares B.V. uit Nistelrode. Tegen het bedrijf eist het OM een boete van 50.000 euro. Het OM verwijt de verdachten dat zij in 2014 en 2015 ernstige schade hebben aangebracht aan het milieu doordat zij meststoffen met verontreinigende stoffen in de bodem en het oppervlaktewater hebben gebracht.

‘Men maakte er een grote rotzooi van. Ze weigerden het na aanzeggingen daartoe op te ruimen en legden de schuld bij anderen. Uiteindelijk draait de maatschappij voor dit gedrag op. Dat is zeer laakbaar.’ Zo typeerde de officier op zitting de houding van de verdachten.  Op 4 oktober 2014 dreigde de waterzuiveringsinstallatie over de kop te gaan door een instroom van afvalwater met een zeer verhoogd ammoniumgehalte. Na onderzoek werd de vermoedelijk bron gevonden: “Vanuit een silo bij het mestvergistingsbedrijf van verdachten, werd zwart stinkend water in een put aangevoerd. De kleur en viscositeit ervan leek op die van afgewerkte olie.” Uit monsters blijkt dat het zwarte water veel meer verontreiniging bevatte dan was toegestaan, waardoor het oppervlaktewater vervuild raakte. Hiermee overtrad de verdachte de milieuvergunning, aldus het OM.

Daarnaast sloeg de verdachte afvalstoffen uit de vergistingsinstallatie op in een volgens het OM illegaal gebouwd bassin op het terrein. De bodem in het bassin was slechts gedeeltelijk bedekt door beschermende folie, dat met plakband bijeen gehouden werd. De afvalstoffen konden zo in de bodem lopen. De begroeiing in de omgeving van het bassin was op vele plaatsen volledig bruin verkleurd en afgestorven: “Uiteindelijk moest de provincie bestuursdwang toepassen om de gevaarlijke situatie te verhelpen.”

De verdachte zou in het voorjaar van 2015 vervuilde afvalstoffen uit de vergistingsinstallatie hebben laten afvloeien in een naastgelegen sloot. Eind 2015 verzuimt het bedrijf een ongewoon voorval te melden bij het bevoegd gezag. Er stromen dagenlang afvalstoffen uit de vergistingsinstallatie het omliggende land op. De verdachte had het bevoegd gezag meteen moeten inseinen, opdat die beschermende maatregelen had kunnen treffen, aldus het OM. In een voorlopige voorziening op 10 december 2015 legt de bestuursrechter het bedrijf op dat het overstroomde gebied moet worden schoon gemaakt. Tevens krijgt het bedrijf de opdracht ervoor te zorgen dat deze situatie zich niet herhaalt: “Maar de verdachte doet niets. Dit resulteert opnieuw tot een last onder bestuursdwang, die wederom leidt tot daadwerkelijke toepassing daarvan” zei de officier op zitting: “Gezien de vervuiling dient het materiaal te worden verwerkt bij een chemische zuiveringsinstallatie.” Intussen werd door Staatsbosbeheer aangifte gedaan van vernieling van een naastgelegen bosperceel, waar circa 800 bomen zijn afgestorven.

De officier van justitie laakte op zitting de onverschilligheid van verdachten: “Daarbij is het een ondernemer die zijn eigen afwegingen maakt en volledig zijn eigen gang gaat omdat dat zo uitkomt. Hij heeft lak aan het bevoegd gezag, en aan mensen die in naam daarvan hun best doen om de schadelijke gevolgen nog enigszins te beperken.” Het OM rekent de verdachten ernstig aan dat de overtredingen schade en grote zichtbare gevolgen hebben gehad voor het milieu en de leefomgeving: “Daarbij zijn enorme maatschappelijke kosten gemaakt met de toepassingen van bestuursdwang, zoals het legen van het onvergunde mestbassin  en het afvoeren van meer dan 5300 ton vloeistof. Kosten voor de belastingbetaler: ruim 150.000 euro.”

Eén van de verdachten – Biogas Nistelrode bv – is inmiddels failliet en ontkomt aan strafvervolging, aldus het OM: “Ook dat past in het beeld.” De inrichting wordt vanaf voorjaar 2016 gedreven door een nieuwe (derde) partij, waardoor het OM geen stillegging meer zal vorderen. Het OM vindt daarom een boete van 50.000 euro op de plaats voor BioSpares. Tegen de directeur eist het OM een gevangenisstraf van 12 maanden, waarvan zes maanden voorwaardelijkmet een proeftijd van twee jaar: “Als er inrichtingsgebonden milieucriminaliteit bestaat waarvoor het opleggen van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf een passende reactie is, dan is het wel in dit geval. Om alle reeds genoemde redenen - ernst, omvang, herhaling, de onverschilligheid jegens alles en iedereen en de hoge kosten waarmee de maatschappij is opgezadeld”. De rechtbank zal aan het einde van de zitting bekend maken wanneer zij uitspraak doet.

Bron: OM

 

Print Friendly and PDF