'De actualiteiten van Maarten van Traa'

Naar aanleiding van het verschijnen van de biografie over Maarten van Traa bespreekt deze bijdrage de IRT-affaire en de betekenis daarvan in de huidige tijd. De IRT’s deden in het geheim onderzoek en informatie werd niet met de rest van de politie of justitie gedeeld. In het Delta-onderzoek werden buiten het zicht van justitie softdrugs en soms ook hard drugs geïmporteerd. Dat liep spaak en op 7 december 1993 werd het interregionaal samenwerkingsverband (IRT) van een aantal politiekorpsen waaronder Amsterdam en Utrecht beëindigd. In 1995 startte een parlementaire enquête onder leiding van van Traa en werd het onderzoek naar de werkwijze van de IRT’s gestart. In 1996 resulteerde dit in het rapport ‘Inzake opsporing’. Dit leidde in 1999 tot de Wet BOB. In deze wet werd vastgelegd dat de opsporingsbevoegdheid van politie en justitie in de wet geregeld moet zijn en dat het gebruik ervan op transparante wijze voor de strafrechter moet worden verantwoord. Anno 2015 kan worden gesteld dat deze wet het redelijk heeft gedaan.

Lees verder:

Dit artikel kunt u enkel raadplegen indien u bent geabonneerd op Juridisch up to Date.

Print Friendly and PDF