Cel geëist voor bedreiging lokale bestuurders

Het Openbaar Ministerie eist een gevangenisstraf van vier maanden waarvan drie voorwaardelijk tegen een 58-jarige man uit Maasland wegens bedreiging, belediging en poging tot afdreiging. De man stuurde in 2016 dreigbrieven naar de burgemeester van Midden-Delfland, een wethouder en de weduwe van een gemeentesecretaris. Van de burgemeester eiste hij zijn vertrek.

Volgens de officier van justitie hebben de brieven er flink ingehakt bij betrokkenen. 'Dat zij de brieven ontvingen op hun privé-adres en lange tijd niet wisten van wie de brieven kwamen en waartoe die persoon in staat was, zorgde voor gevoelens van onveiligheid en angst.' Bij het huis van de de burgemeester werd enige tijd extra gesurveilleerd door de politie.

Het gaat naar het oordeel van het Openbaar Ministerie niet om een impulsieve actie. Verdachte heeft meerdere keren brieven gemaakt en verstuurd. Hij had dus de tijd om zich te bedenken en te stoppen. Dit heeft hij niet gedaan. In totaal werden vijf brieven verzonden. Nadat hij een brief ondertekende met zijn eigen naam, kon hij worden aangehouden. waarom hij de brieven verstuurde, heeft verdachte nooit verklaard.

Om herhaling te voorkomen, acht de officier van justitie behandeling noodzakelijk. Daarom eist zij als bijzondere voorwaarde een behandelverplichting bij de GGZ. Verder zouden de voorwaarden een meldplicht bij de reclassering en een contactverbod met de slachtoffers moeten bevatten.

Uitspraak door de rechtbank over twee weken.

Bron: OM

 

Print Friendly and PDF