'Boete voor de adviseur en de accountant: theorie of praktijk?'

Nog niet zo lang geleden - op 1 januari 2014 - werd artikel 67o AWR ingevoerd. Met de invoering van deze bepaling zijn er wederom een aantal nieuwe deelnemersvarianten geïntroduceerd binnen het fiscale boeterecht. Nog geen vijf jaar na de invoering van de vierde tranche boete, waarmee het mogelijk werd een boete op te leggen aan de adviseurs als medepleger, is het boete instrumentarium verder uitgebreid. Ditmaal doen de medeplichtige, de uitlokker, en de doen pleger, hun intrede. Een uitbreiding die overigens meer lijkt te zijn ingegeven door politieke motieven dan door een indringende behoefte in de praktijk. Uit kamerstukken blijkt dat er in de jaren 2009 tot en met 2013 in totaal slechts tweemaal een onherroepelijke medeplegersboete is opgelegd. Toch zien we in de wetgeving een tegengestelde tendens. Er lijkt sprake van een politieke queeste die kracht wordt bijgezet door het invoeren van boetemogelijkheden om de adviseur aan te kunnen pakken of ten minste schrik aan te jagen. Maar zien we deze tendens ook terug in de praktijk?

Lees verder:

Print Friendly and PDF