Klacht over verwerping verweer ontbrekende consultatiebijstand voorafgaand aan FIOD-verhoor

Hoge Raad 9 mei 2017, ECLI:NL:HR:2017:830

Het eerste middel klaagt onder meer dat het Hof in strijd met een gevoerd verweer de verklaringen die de verdachte op 17 oktober 2007 bij de FIOD heeft afgelegd zonder dat hij voorafgaand aan die verhoren in de gelegenheid was gesteld een advocaat te raadplegen, bij de bewijsvoering heeft betrokken.

Read More
Print Friendly and PDF ^

HR: De wet dwingt niet om bij het omzetten uit te gaan van 2 uur taakstraf per dag vrijheidsstraf

Hoge Raad 9 mei 2017, ECLI:NL:HR:2017:831

De verdachte is bij arrest van 30 november 2015 door het gerechtshof Den Haag wegens “diefstal”, veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van drie weken, met aftrek van voorarrest. Voorts heeft het hof de tenuitvoerlegging gelast van twee eerder aan de verdachte voorwaardelijk opgelegde gevangenisstraffen van respectievelijk veertien dagen en één week en deze straffen vervangen door taakstraffen voor de duur van respectievelijk zestig uren met een subsidiaire straf van twee weken hechtenis en dertig uren met een subsidiaire straf van één week hechtenis.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Door OM opgelegde strafbeschikking mag, in het kader van de strafmotivering, gelijkgesteld worden aan een veroordeling door de rechter

Hoge Raad 9 mei 2017, ECLI:NL:HR:2017:837

De verdachte is bij arrest van 25 juni 2015 door het gerechtshof Den Haag wegens “Overtreding van het bepaalde bij artikel 19 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990”, veroordeeld tot een geldboete van € 600,00 en een voorwaardelijke ontzegging van de rijbevoegdheid voor drie maanden.

Read More
Print Friendly and PDF ^

HR herhaalt relevante overweging m.b.t. kosten die voor aftrek van het wederrechtelijk verkregen voordeel in aanmerking komen

Hoge Raad 9 mei 2017, ECLI:NL:HR:2017:834

De betrokkene is in de hoofdzaak veroordeeld voor onder meer het medeplegen van opzettelijke overtreding van een voorschrift, gesteld bij art. 3 van de Wet inzake de geldtransactiekantoren. De ontnemingsvordering is gebaseerd op deze veroordeling. De betrokkene heeft samen met anderen een geldtransactiekantoor gedreven, door geldtransacties te verrichten en daarbij gebruik te maken van het systeem van ‘hawala-bankieren’.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Conclusie AG uitleg van het bestanddeel medeplegen

Hoge Raad 18 april 2017, ECLI:NL:HR:2017:726

Het middel klaagt dat het hof een onjuiste uitleg heeft gegeven aan het begrip medeplegen, althans dat het bewezenverklaarde medeplegen niet naar de eis der wet voldoende met redenen is omkleed.

Read More
Print Friendly and PDF ^