Waarborgen voor integer strafvorderlijk overheidsoptreden | Sanctionering van vormverzuimen; een waarborg voor een zuiver en rechtschapen overheid?

Zoals de titel doet vermoeden, heeft Alexandros Sarantoudis in dit onderzoek de huidige afdoening van vormverzuimen onderzocht, in het licht van adequate waarborging van overheidsintegriteit. Met dit onderzoek is getracht een bijdrage te leveren aan de discussie omtrent eventuele herijking van artikel 359a Sv en/of het in het leven roepen van andere waarborgen als bijvoorbeeld een controlerende instantie, welke discussie in 2012 door prof. Borgers (weer) is opgelaaid.

Samenvatting

Sinds jaar en dag is onrechtmatig optreden door politie en justitie een heet hangijzer, welke zich de laatste jaren op hernieuwde belangstelling mag verheugen. Voornamelijk vanuit rechtsstatelijk oogpunt is waarborging van een integere overheid van groot belang. Echter, het is zeer de vraag of die waarborging heden ten dage (nog) afdoende tot zijn recht komt.

Aan vormverzuimen die de eerlijkheid van het proces (het hart van de strafrechtelijke procedure) raken kunnen behoorlijk verstrekkende gevolgen verbonden worden. Echter, andersoortig laakbaar strafvorderlijk overheidsoptreden mag effectieve criminaliteitsbestrijding niet al te zeer hinderen. Het policing the police is geen taak van de strafrechter. In de huidige beteugelende koers van de Hoge Raad worden de subjectieve rechten van de verdachte (met de beperking dat het eerst en vooral gaat om verdedigingsrechten) afdoende gewaarborgd. Echter, waar het gaat om andere rechten dan verdedigingsrechten en - meer algemeen - het afkeuren van laakbaar overheidsoptreden en het controleren van diens integriteit, kan in de regel niet gezegd worden dat de strafrechtelijke reactie (nog) adequaat is. Vaak zal een vormverzuim - gelet op de beoordelings- en wegingsfactoren van artikel 359a Sv - slechts gemarkeerd worden zonder dat daar rechtsgevolgen aan verbonden worden, waarmee van daadwerkelijke bescherming tegen bevoegdheidsoverschrijding door de strafvorderlijke overheid geen sprake is. Aldus levert artikel 359a Sv een niet te miskennen bijdrage aan integriteitswaarborging in die gevallen waarin de eerlijkheid van het proces of de verdedigingsrechten geschaad worden door het vormverzuim. In dergelijke gevallen volgt immers in de regel een zware sanctie. Meer over het algemeen beschouwd, waar het gaat om onrechtmatigheden ten aanzien van andere rechten dan die van artikel 6 EVRM, is echter geen sprake van afdoende bescherming van overheidsintegriteit. Van een integrale waarborg is dus geen sprake. Maar als de strafrechter de overheid in dergelijke gevallen niet meer (volledig) controleert, wie dan wel? Dat werpt de vraag op hoe eventueel wel tot een systeem van integrale kwaliteits- en integriteitscontrole gekomen kan worden.

Om een bredere en meer effectieve waarborg te realiseren, is voorgesteld om het huidige mechanisme van artikel 359a Sv aan te vullen met het concept van een controlerende instantie. Met het integreren van de aanvulling van een controlerend orgaan in het huidige systeem, kan langs verschillende routes en met verschillende (sanctie)modaliteiten gereageerd worden op non- integer overheidsoptreden. Niet langer is een reactie gebonden aan het strafproces, maar maakt het deel uit van een groter publiekrechtelijk geheel. Voorts kunnen de concepten van een databank vormverzuimen en protocolleringen van interne terugkoppeling als toevoeging dienen op het huidige systeem van rechterlijke sanctionering en het concept van een controle-instantie.

Lees verder:

Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF