Verdrag van de Raad van Europa inzake het witwassen, de opsporing, de inbeslagneming en de confiscatie van opbrengsten van misdrijven en de financiering van terrorisme (Warschau, 16 mei 2005, Trb. 2006, 104)


Het gaat om Verklaringen, voorbehouden en bezwaren bij het Verdrag van de Raad van Europa inzake het witwassen, de opsporing, de inbeslagneming en de confiscatie van opbrengsten van misdrijven en de financiering van terrorisme dat op 16 mei 2005 is gesloten te Warschau.

Nederland heeft het Verdrag op 17 november 2005 ondertekend en op 13 augustus 2008 geratificeerd. Vervolgens is het Verdrag op 1 december 2008 in werking getreden.


Bij de ratificatie van het Verdrag heeft Nederland verklaard zich het recht voor te behouden art. 3, paragraaf 1 van het Verdrag niet toe te passen met betrekking tot de confiscatie van opbrengsten van feiten die strafbaar zijn gesteld in belastingwetgeving, waaronder wetgeving betreffende douane en accijnzen.

Article 3. Confiscation measures

1.    Each Party shall adopt such legislative and other measures as may be necessary to enable it to confiscate instrumentalities and proceeds or property the value of which corresponds to such proceeds and laundered property.

Voorts heeft Nederland op 9 januari 2012 verklaard dat art. 9, paragraaf 1 van het Verdrag alleen zal worden toegepast ten aanzien van strafbare feiten die kwalificeren als misdrijven.

Article 9. Laundering offences

1.    Each Party shall adopt such legislative and other measures as may be necessary to establish as offences under its domestic law, when committed intentionally:

a.    the conversion or transfer of property, knowing that such property is proceeds, for the purpose of concealing or disguising the illicit origin of the property or of assisting any person who is involved in the commission of the predicate offence to evade the legal consequences of his actions;

b.    the concealment or disguise of the true nature, source, location, disposition, movement, rights with respect to, or ownership of, property, knowing that such property is proceeds;

and, subject to its constitutional principles and the basic concepts of its legal system;

c.     the acquisition, possession or use of property, knowing, at the time of receipt, that such property was proceeds;

d.    participation in, association or conspiracy to commit, attempts to commit and aiding, abetting, facilitating and counselling the commission of any of the offences established in accordance with this article.


Voorts dienen verzoeken (en daarbij behorende documenten) aan Nederland die in een andere taal zijn opgesteld dan Nederlands, Frans of Engels te worden vergezeld van een vertaling in één van deze talen.

Bron: Trb. 2012, 87.

Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF