Spoofing in strafrechtelijke onderzoeken

Op 8 juli jl. zond minister Opstelten (VenJ) aan de Tweede Kamer een brief waarin hij een inventarisatie maakt van de verschillende aspecten omtrent de aard, omvang en de gevolgen van het gebruik van spoofing.

‘Spoofing’ is het voordoen als een ander. Bij telefonie houdt spoofing in dat de bellende partij er voor zorgt dat de gebelde partij gefingeerde afzender- informatie ziet. De persoon die gebeld wordt, ziet dus een ander tele- foonnummer dan het echte nummer waarvan de beller vandaan belt.

Er zijn legitieme toepassingen voor spoofing. Zo gebruiken medewerkers van bedrijven spoofing om het algemene nummer van het bedrijf als afzender te geven in plaats van het eigen privénummer. Het is om die reden niet wenselijk om spoofing (en de spoofingsoftware en spoofingdiensten die spoofing mogelijk maken) te verbieden. Daarnaast is gebleken dat tele- comproviders spoofing niet op technische wijze kunnen voorkomen of de- tecteren.

De politie en het Openbaar Ministerie zijn alert op spoofing in straf- rechtelijke onderzoeken. De politie heeft mogelijkheden om te verifiëren of een beller gebruikmaakt van spoofing. Verificatie van telefoonnummers en de gebruiker is een belangrijk onderdeel van een strafrechtelijk onderzoek en dat geldt dus ook voor de detectie van spoofing.

Bovendien zullen telecommunicatiegegevens nooit als alleenstaand bewijs worden geaccepteerd. Er zal altijd meer onderzoek moeten worden gedaan en gekeken worden of die gegevens in de rest van de bewijsmiddelen pas- sen. Het is dus niet aannemelijk dat door spoofing personen onterecht als verdachten worden aangewezen.

Spoofing leidt in beginsel niet tot het opnemen van gesprekken van per- sonen van wie het telefoonnummer wordt gespooft. De tap wordt namelijk gezet op het echte telefoonnummer en niet op het door spoofing ge- fingeerde telefoonnummer.

De minister wil voorop stellen dat spoofing met geheimhoudernummers geen effect heeft op de vertrouwelijkheid van de gesprekken tussen advo- caten en hun cliënten. Advocaten kunnen dus veilig bellen met hun cliënten. Spoofing met geheimhoudernummers heeft hierop geen impact.

Er zijn op dit moment geen aanwijzingen dat geheimhoudernummers veelvuldig worden gespooft. Wanneer in een strafrechtelijk onderzoek een vermoeden ontstaat van gebruik van spoofing met geheimhoudernummers dan heeft de politie mogelijkheden om na te gaan of daadwerkelijk gebruik is gemaakt van spoofing. Indien sprake is van spoofing met geheimhou- dernummers, dan kunnen passende maatregelen worden genomen om te voorkomen dat dit verdere gevolgen heeft voor het strafrechtelijke onderzoek. In het belang van de opsporing zal ik niet nader in gaan op de genoemde mogelijkheden en maatregelen.

Print Friendly and PDF