Reactie op bericht 'Machtige misdaadondernemers ver buiten bereik Belastingdienst'

RTL 4 berichtte op 20 oktober jl. dat de overheid niet in staat is belastingfraude gepleegd door zogenaamde "machtige misdaadondernemers" aan te pakken. Dat wordt afgeleid uit een geheim rapport dat verslaggever Siebe Sietsma in handen zou hebben gekregen.

Tweede Kamerleden Groot en Recourt (beiden PvdA) hebben naar aanleiding van dit bericht aan de staatssecretaris van Financiën en de minister van Veiligheid en Justitie Kamervragen gesteld over belastingontduiking door misdaadondernemers.

Zijn vragen onder meer of het klopt  dat criminelen kinderlijk eenvoudig hun belastingplicht kunnen ontlopen door zich uit te schrijven uit de Gemeentelijke Basisadministratie Persoonsgegevens?

Volgens Weekers is de essentie dat het gaat om een groep die per definitie al haar activiteiten zoveel mogelijk buiten het zicht van de overheid probeert te houden. Zichtbaarheid zowel fysiek, digitaal als op papier, leidt immers tot herkenning en daarmee tot bewijsvoering over criminele activiteiten. Deze situatie bestaat zowel voor als na uitschrijving uit de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens. Ook gedurende de inschrijving in de GBA deden criminelen geen belastingaangifte over hun criminele activiteiten.

Om nadere duiding over de mogelijke omvang van dit specifieke fenomeen te krijgen, voert de FIOD momenteel onderzoek uit. Het onderzoek van de FIOD richt zich op het in kaart brengen van de verschillende typen criminelen die zich bij de GBA uitschrijven om zo justitieel en fiscaal buiten het zicht van de overheid te blijven. Tevens wordt gekeken naar de mogelijke omvang van dit fenomeen. Afhankelijk van de uitkomst van het onderzoek, zullen passende maatregelen genomen worden.

Daarnaast wordt gevraagd of Weekers de mening deelt dat het nog beter zou zijn als het systeem van (tijdelijke) conserverende aanslagen bij emigratie wordt vervangen door een systeem van meteen afrekenen van de op de emigrant rustende belastingclaim.

Volgens Weekers valt het sterk te betwijfelen of een directe afrekening van de belastingclaim bij emigratie houdbaar is in Europeesrechtelijk verband. Bij vennootschappen is al eerder beslist dat een eindheffingsregeling, waarbij meteen moet worden afgerekend over latente meerwaarden bij verplaatsing van de vennootschap naar het buitenland, in strijd is met EU-recht. Tevens zijn bij de belastingplichtige vaak ook niet de middelen voor directe afrekening aanwezig, omdat het voordeel waarop deze gebaseerd is, zoals de aanspraak op het pensioen of het vervreemdingsvoordeel van een aanmerkelijk belang nog niet is gerealiseerd. Een directe invordering van de belastingclaim bij emigratie vormt dan een belemmering voor de vrijheid van vestiging en daarmee een verstoring van de Europese interne markt.

Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF