OM eist in hoger beroep tot 4 jaar celstraf voor fraude rond woningbouwcorporatie SGBB

De advocaat-generaal (OM) heeft in hoger beroep celstraffen tot 4 jaar geëist tegen 8 verdachten in het fraudeonderzoek rond woningbouwcorporatie Stichting Gereformeerde Bouwcorporatie voor Bejaarden (SGBB). Het gaat om vier natuurlijke en vier rechtspersonen. Het OM verdenkt de verdachten van onder andere deelname aan een criminele organisatie die woningbouwcorporatie SGBB voor miljoenen euro's heeft opgelicht.

Het OM vindt dat de verdachten in diverse projecten op geraffineerde wijze hebben gefraudeerd door SGBB een te hoge koopsom te laten betalen voor het onroerend goed. De Raad van Toezicht is onjuist voorgelicht en het teveel betaalde geld werd onderling verdeeld volgens een vaste verdeelsleutel.

Meer specifiek verdenkt het OM de verdachten van oplichting, valsheid in geschrifte, verduistering, witwassen, niet ambtelijke omkoping en deelname aan een criminele organisatie. Het OM acht de geëiste gevangenisstraffen op zijn plaats omdat het gedrag van deze verdachten onze rechtsorde schaadt . Een directeur van een woningbouwcorporatie heeft een voorbeeldfunctie. Hij heeft zijn eigen belang boven dat van zijn werkgever en de samenleving gesteld. Hij heeft zijn positie op grove wijze misbruikt om deze fraude mogelijk te maken. Daarom heeft de advocaat-generaal een gevangenisstraf van 4 jaar geëist tegen de ex-directeur van SGBB. Tegen de projectontwikkelaar heeft de advocaat-generaal 3,5 jaar gevangenisstraf geëist. Hem valt aan te rekenen dat hij samen met de ex-directeur SGBB op een geraffineerde wijze heeft opgelicht en dat alles uit pure hebzucht. Tegen de zus van de oud-directeur en haar partner heeft de advocaat-generaal  respectievelijk 2 en 1 jaar gevangenisstraf geëist. De zus heeft meegewerkt aan het optuigen van illegale constructies, het opstellen van valse stukken en het witwassen van aanzienlijke sommen geld. Haar partner heeft zich gewillig laten gebruiken als directeur en maakte zonder morren de constructie met haar BV als witwasvehikel en doorgeefluik mogelijk. Tegen de vier rechtspersonen zijn geldboetes geëist tussen de 50.000 en 15.000 euro.

Uitspraak (naar verwachting) op 13 november 2013.

Bron: OM

Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF