Is de tijd rijp voor terugkeer van de sanctie niet-ontvankelijkverklaring op overschrijding redelijke termijn?

Op 17 juni 2008 oordeelde de Hoge Raad dat overschrijding van de redelijke termijn in strafzaken niet langer niet-ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie tot gevolg kan hebben, ook niet in uitzonderlijke gevallen. Daarbij kende de Hoge Raad veel gewicht toe aan de bescherming die de in het Wetboek van Strafrecht opgenomen verjaringsregels, die in 2006 ten voordele van de verdachte tot kortere termijnen leidden, de verdachte bieden. Op 1 april 2013 zijn de verjaringsregels aangescherpt en is voor een grotere categorie misdrijven de verjaringstermijn verlengd of zelfs in zijn geheel afgeschaft. De vraag is dan ook of de waarde die de Hoge Raad in 2008 toekende aan het beschermingsniveau van deze verjaringsregels nog actueel is. In deze bijdrage wordt betoogd dat dit niet het geval is en dat een herijking van de in de jurisprudentie geformuleerde uitgangspunten noodzakelijk is.

Lees verder:

Dit artikel verschijnt in NJB 2013/1545, afl. 26.

Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF