Het lex certa-beginsel in het handhavend bestuursrecht

Sinds de introductie van de bestuurlijke boete is de punitieve handhaving op verschillende gebieden, verschoven van het strafrecht naar het bestuursrecht. Daarmee zijn strafrechtelijke beginselen ook voor het bestuursrecht van belang geworden, zoals het legaliteitsbeginsel en het daaronder geschaarde beginsel van ‘lex certa’, oftewel het vereiste dat strafbepalingen duidelijk en begrijpelijk omschreven moeten zijn.

Nu er juist binnen de gebieden waarop bestuursrechtelijk wordt gehandhaafd veel sprake is van open normen of geleden normstellingen, doet zich de vraag voor of ook in het bestuursrecht voldoende aan de eisen van het lex certa-beginsel voldaan wordt.

Daartoe zet Baar in zijn scriptie allereerst uiteen wat het lex certa-beginsel precies inhoudt. Vervolgens wordt ingegaan op de ontwikkeling van de verschuiving van de handhaving. Daarna wordt de bestuursrechtelijke jurisprudentie waar ‘lex certa’ een rol speelt besproken. Deze jurisprudentie wordt vergeleken met de strafrechtelijke jurisprudentie.

Baar concludeert  dat het met het lex certa-beginsel binnen het bestuursrecht niet slecht is gesteld. Wel wordt de aanbeveling gedaan om bij zorgplichtenbepalingen een zogenaamde ‘zelfstandige lastgeving’ te introduceren, alvorens tot boeteoplegging wordt overgaan. Dit om de norm te concretiseren zodat de betrokkene weet op welke wijze het gedrag moet worden aangepast, zodat van normovertreding niet langer sprake is. Zo wordt aan het lex certa-beginsel nog meer recht gedaan.

Lees verder:

Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF