Drie keer levenslang in liquidatieproces Passage

In het liquidatieproces Passage veroordeelt de rechtbank drie personen tot een levenslange gevangenisstraf. Acht andere verdachten krijgen celstraffen van dertig, twaalf, tien, acht, zes, drieënhalf, anderhalf en een half jaar. Naast vergrijpen als wapenhandel en witwassen draait deze zaak vooral om de liquidatie van zeven personen en de poging tot moord op vijf personen. De rechtbank vindt dat het beroepsmatig op kille en berekenende wijze vermoorden van mensen, ook als het criminelen zijn, zwaar bestraft moet worden. Dat drie liquidaties lang geleden, in 1993, zijn gepleegd, beschouwt de rechtbank niet als een strafverminderende omstandigheid.

Levenslang

Verdachte Jesse R. krijgt levenslang voor twee moordpogingen, de uitlokking van de liquidatie op Thomas van der Bijl op 20 april 2006 en voor de moorden op Kees Houtman op 2 november 2005, Henie Shamel en Anne de Witte op 9 mei 1993, Tonnie van Maurik op 19 april 1993 en op ‘Sonny’ Hadziselimovic en Djordje Iliç op 1 april 1993. Verdachte Siegfried S. krijgt levenslang voor de moord op Shamel en De Witte. Verdachte Mohammed R. krijgt levenslang voor zijn betrokkenheid bij een mislukte liquidatie en voor de moord op Shamel, De Witte, Van Maurik, Hadziselimovic en Iliç.

Tijdelijke gevangenisstraf

Voor twee pogingen tot uitlokking en voor de organisatie van een liquidatie krijgt Fred R. dertig jaar gevangenisstraf. Pinny S. krijgt twaalf jaar voor het verstrekken van de opdracht tot een moord. Nan Paul de B. krijgt tien jaar voor het plegen van een moord. Voor medeplichtigheid aan moord krijgt Freek S. zes jaar gevangenisstraf. Sjaak B. krijgt drieënhalf jaar voor wapenhandel. Ali A. krijgt anderhalf jaar voor witwassen en Dino S. krijgt zes maanden gevangenisstraf voor witwassen en het bezit van twee valse paspoorten (LJN BY9841).

De kroongetuige

Peter La S. krijgt, zoals geëist door het OM, acht jaar gevangenisstraf voor de moord op Houtman en een poging tot moord op Van der Bijl. Omdat La S. zichzelf heeft gemeld en omdat hij als kroongetuige over de liquidaties heeft verklaard, heeft het OM een lagere straf geëist dan het normaal eist voor dergelijke feiten.

De rechtbank vindt, alles afwegend, dat het OM bij het sluiten van de deal met de kroongetuige binnen de grenzen van het recht is gebleven. Omdat La S. tijdens het proces grotendeels consequent en consistent heeft verklaard, kunnen zijn verklaringen als bewijs worden gebruikt. Daarbij heeft de rechtbank uitdrukkelijk gesteld dat de andere verdachten alleen kunnen worden veroordeeld als er, naast de verklaringen van de kroongetuige, stevig ander bewijs voorhanden is. Gedurende het proces is gebleken dat verklaringen van La S., over de betrokkenheid van Willem H. bij een aantal liquidaties, zijn achtergehouden. De rechtbank meent dat alleen verdachte Dino S. door deze weglating in zijn belangen is geschaad. Daarom zijn de verklaringen van La S. niet als bewijs gebruikt in de zaak tegen S.

 

Bron: de Rechtspraak

Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF