Commissie vraagt advies EU-Hof over toetreding EU-EVRM

Is het ontwerp-verdrag inzake de toetreding van de EU tot het EVRM verenigbaar met de EU-verdragen? Deze vraag heeft de Commissie voorgelegd aan het EU-Hof. Volgens de Commissie zijn de diverse aspecten van het toetredingsverdrag in lijn met de eisen die daaraan in het Verdrag van Lissabon werden gesteld. Het advies van het EU-Hof zal naar verwachting pas na de jaarwisseling beschikbaar komen.

In het verzoek schetst de Commissie het juridisch toetsingskader. Het gaat dan om de diverse elementen van artikel 6, tweede lid, EU-Verdrag en Protocol nr. 8. Een belangrijke voorwaarde is dat de bevoegdheden van de Unie niet mogen worden aangetast door het akkoord. Ook mogen de bevoegdheden van de EU-instellingen niet worden aangetast. Verder moet het akkoord de specifieke karakteristieken van de EU en van het recht van de EU eerbiedigen als het gaat om het toezicht op de naleving van de uitspraken van het Hof Straatsburg en bij het mechanisme om individuele klachten correct tot de lidstaten en/of de EU te richten. De positie van de lidstaten ten opzichte van de protocollen, hun derogaties en voorbehouden moet worden geëerbiedigd, alsmede het verbod voor de lidstaten om over hun onderlinge geschillen niet buiten de EU-verdragen om te procederen. Bovendien moet het verdrag de autonomie van de rechtsorde van de EU eerbiedigen door te voorkomen dat het Hof Straatsburg of het toezichthoudende Comité van Ministers de rechtsregels van de EU uitleggen. Dit laatste is enkel voorbehouden aan het EU-Hof.

Bron: Expertisecentrum Europees recht

Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF