Wetsvoorstel meldplicht datalekken en uitbreiding bestuurlijke boetebevoegdheid Cbp aangenomen door Eerste Kamer

Op 26 mei is door de Eerste Kamer het Wetsvoorstel meldplicht datalekken (voluit: Wijziging van de Wet bescherming persoonsgegevens en enige andere wetten in verband met de invoering van een meldplicht bij de doorbreking van maatregelen voor de beveiliging van persoonsgegevens alsmede uitbreiding van de bevoegdheid van het College bescherming persoonsgegevens om bij overtreding van het bepaalde bij of krachtens de Wet bescherming persoonsgegevens een bestuurlijke boete op te leggenzonder stemming aangenomen. Dit wetsvoorstel voegt aan de Wet bescherming persoonsgegevens een meldplicht voor inbreuken op beveiligingsmaatregelen voor persoonsgegevens toe. Met de meldplicht datalekken wil de regering de gevolgen van een datalek voor de betrokkenen zoveel mogelijk beperken en hiermee een bijdrage leveren aan het behoud en herstel van vertrouwen in de omgang met persoonsgegevens.

Met dit voorstel moet de verantwoordelijke bij een datalek, waarbij kans is op verlies of onrechtmatige verwerking van persoonsgegevens, niet alleen een melding doen bij de toezichthouder, het College bescherming persoonsgegevens (Cbp), maar ook de betrokkene informeren. Deze meldplicht geldt voor alle verantwoordelijken voor de verwerking van persoonsgegevens, zowel in de private als publieke sector. Als er geen melding wordt gemaakt van een datalek kan dit bestraft worden met een bestuurlijk boete van het Cbp.

 

 

Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF