Oratie Joep Simmelink: Functioneren Openbaar Ministerie bedreigd

De bezuinigingen die tot 2018 doorgevoerd worden op het Openbaar Ministerie bedreigen het functioneren van de organisatie. Deze waarschuwing geeft prof. dr. Joep Simmelink af in zijn oratie, waarmee hij op 30 oktober het ambt aanvaardt van bijzonder hoogleraar Openbaar Ministerie aan de Universiteit Maastricht. “Door de bezuiniging richt de organisatie haar energie primair op het behalen van kwantitatieve taakstellingen, ten koste van de kwaliteit van het werk”, aldus Simmelink, die ook advocaat-generaal is bij het ressortsparket Arnhem-Leeuwarden. “De procesverbeteringen die een bezuiniging van een kwart van het budget tot 2018 mogelijk zouden moeten maken, komen door geldgebrek eveneens niet uit de verf.”Het werken en functioneren van het Openbaar Ministerie ligt al een aantal jaren onder vuur. De kritiek op het Openbaar Ministerie is dat het ‘een tekort aan rechtsstatelijke waakzaamheid’ laat zien en zich ‘te veel laat meevoeren aan de leiband van de minister van Veiligheid en Justitie’. Joep Simmelink ziet als oorzaken voor deze kritiek enerzijds de toegenomen politisering van de strafrechtelijke rechtshandhaving, maar anderzijds zeker ook de reorganisatie van en opgelegde bezuinigingen aan het OM. “Hierdoor bestaat er grote spanning tussen de omvang van het werk en de daarvoor beschikbare capaciteit. Er wordt dan bijvoorbeeld meer gefocust op het ‘wegwerken’ van een bepaald aantal zaken in een bepaalde termijn, waarbij de kwaliteit van dat wegwerken minder belangrijk wordt geacht.”

Slecht idee

De bezuinigingsoperatie is volgens de overheid te verantwoorden omdat bijvoorbeeld het digitaliseren van de strafrechtspleging kosten zou reduceren. Volgens Simmelink is deze operatie echter nog verre van voltooid en staat ook deze onder druk wegens geldgebrek. Als het OM de rechtsstatelijke kwaliteit van het werk niet kan garanderen, dan zou verandering moeten worden gebracht in de spilpositie van het OM in het strafproces, zo hebben wetenschappers geopperd. Simmelink vindt dit een slecht idee, omdat dit een fundamentele herinrichting van het strafproces zou vragen. “In dat geval zou het OM niet meer in staat zijn de rechtsstatelijkheid van de opsporing te bewaken. Die waakzaamheid zou dan aan een andere instelling moeten worden toegekend, wat niet alleen een verschuiving van het probleem is, maar ook vraagt om een heel andere inrichting van het strafproces. Op een dergelijke fundamentele verandering zit niemand te wachten.” Hij pleit ervoor te waken dat kernwaarden van het OM worden verwaarloosd, ter voorkoming van verlies van legitimiteit en gezag.

Deeloplossingen

Joep Simmelink pleit daarentegen eerder voor het reduceren van het takenpakket van het OM, door secundaire taken toe te delen aan andere organisaties. Ook ziet hij deeloplossingen in een makkelijkere uitwisseling van informatie tussen verschillende instanties (belastingdienst, woningbouwverenigingen etc.) om rechtshandhaving te bevorderen. En de huidige landsgrensoverschrijdende rechtshandhaving schiet tekort volgens de bijzonder hoogleraar: er moet volgens hem anders omgegaan worden met de Staatssoevereiniteit om te voorkomen dat plegers van strafbare feiten de grens oversteken om opsporing te bemoeilijken.

Bron: Maastricht University

 

Print Friendly and PDF