OM eist jaar gevangenisstraf tegen advocaat die weigerde informatie over financiën te verstrekken aan de Belastingdienst

Het Openbaar Ministerie eist een jaar gevangenisstraf - waarvan een half jaar voorwaardelijk tegen een fiscaal advocaat. Het OM verwijt hem, dat hij de fiscus geen inzicht heeft verschaft in de geldstromen van zijn bedrijven. De totale belastingschuld van de bedrijven van de man is inmiddels opgelopen tot ongeveer 4.000.000 euro.

De belastingdienst heft belastingen naar rato. Inkomsten uit belastingen stromen in de schatkist en worden gebruikt voor zorg, onderwijs, wegenonderhoud, etc. Om te kunnen innen naar rato is het belangrijk dat bedrijven de administratie op orde hebben en de belastingdienst inzicht geven in de geldstromen. Deze verdachte heeft dit volgens het OM stelselmatig geweigerd. De Belastingdienst heeft sinds mei 2016 de verdachte herhaaldelijk gevraagd en later gesommeerd om inzicht te verschaffen in de financiële positie van zijn bedrijven. De verdachte en zijn bedrijven hadden toen al een belastingschuld van 2.400.000 euro. De fiscus vroeg inzicht in de crediteuren- en debiteurenoverzichten, liquiditeitsoverzichten en bankafschriften om te bezien of de schulden ingelopen konden worden. Tevergeefs. De fiscus besloot de zaak over te dragen aan de FIOD en het OM, want het weigeren van inlichtingen aan de Belastingdienst is een strafbaar feit.

Strafrechtelijk onderzoek

Bij de FIOD verklaarde de verdachte dat hij weigerde om de verzochte informatie te verstrekken, omdat hij dacht dat de fiscus er alleen op uit was om het geld van hem af te pakken. Pas eind 2017 kwam de verdachte met een andere verklaring. Hij zou zijn administratie niet hebben overhandigd, omdat hij als advocaat zijn cliënten wilde beschermen. Het OM acht het onwaarschijnlijk dat dit werkelijk zo was. Er zijn namelijk procedures voor verschoningsgerechtigde informatie. “Als dit de werkelijke reden was had de verdachte dat in het begin meteen kunnen aangeven bij de fiscus. Dan had via de deken van de Orde van Advocaten wellicht onderzocht kunnen worden of de betreffende informatie onder het verschoningsrecht viel en zo ja, hoe daar op een zorgvuldige wijze mee zou kunnen worden omgegaan” zei de officier op zitting. En dat niet alleen: “De wet bepaalt dat voor een weigering om te voldoen aan de in de inlichtingenplicht aan de fiscus, niemand zich kan beroepen op de omstandigheid dat hij uit enigerlei hoofde tot geheimhouding verplicht is, zelfs niet indien deze hem bij een wettelijke bepaling is opgelegd.” Kortom: De verdachte was – ook al gaat het om een advocatenkantoor- net als alle andere bedrijven in Nederland gehouden om zijn debiteurenlijst te verstrekken om inzicht te geven over de fianciële positie.

Ernst van de feiten

Het OM vindt dit ernstige feiten: “Los van de beweegreden om niet mee te werken aan het leveren van de verzochte informatie heeft verdachte op geen enkele wijze geprobeerd er op een andere manier met de Belastingdienst uit te komen. Het OM verwijt hem dat gemaakte afspraken niet werden nagekomen en dat hij uiteindelijk op geen enkele manier meer bereikbaar was.” Hierdoor kon geen oplossing gezocht worden voor de openstaande belastingschuld. Daarnaast heeft verdachte de samenleving de mogelijkheid ontnomen om te controleren of zijn bedrijf gezond was. Dat was ook niet in het belang van zijn cliënten, betoogde de officier op zitting: “wie zou er eigenlijk de dupe worden van een eventueel beslag op betalingen van cliënten? Niet de klanten van verdachte, maar verdachte zelf. Iedereen kan zich bij een derdenbeslag door de Belastingdienst de gefronste wenkbrauwen voorstellen van de cliënten  die verdachte fiscaal adviseert. Hoe goed beoefend deze man zijn vak?” De officier vervolgde op zitting: “De klanten waren niet de dupe van eventueel derdenbeslag door de Belastingdienst, maar waren de dupe van een adviseur die verborgen wilde houden dat hij zelf in de problemen zat.” De verdachte heeft door zijn handelen de continuïteit van de dienstverlening aan cliënten op het spel gezet. Immers, de raad van discipline heeft eerder geoordeeld dat een andere advocaat zijn beroep niet meer mocht uitoefenen vanwege openstaande schulden. Dit omdat de schulden de uitoefening van de werkzaamheden in de praktijk in gevaar konden brengen. Daarnaast heeft de verdachte volgens het OM het vertrouwen beschaamd dat de samenleving stelt in de beroepsgroep: “De verdachte was niet alleen advocaat maar ook belastingadviseur. De samenleving stelt in deze beroepsgroepen veel vertrouwen en juist dat vertrouwen heeft de verdachte geschaad.”

Strafeisen

Verdachte was al eerder veroordeeld voor soortgelijke feiten. Dat heeft hem niet weerhouden om door te gaan met het weigeren van informatie aan de Belastingdienst. Tegen de advocaat eist het OM daarom een gevangenisstraf van 12 maanden, waarvan zes maanden voorwaardelijk als stok achter de deur. Tegen de ondernemingen PR van der Waal Beheer B.V., Russo en Van der Waal beheer BV en Russo & Van der Waal belastingadviseurs en Advocaten B.V. eist het OM geldboetes van 10.000 euro, 10.000 euro en 25.000,- euro.  “Met deze boetes wil het OM een duidelijk signaal afgeven dat bedrijven in eerste instantie de normadressant zijn van deze belastingwetgeving en ze bestraft worden als ze moedwillig niet meewerken.”

Bron: OM

Print Friendly and PDF ^