Geen bewijs ondanks ambtsedig proces-verbaal. Een aanzet tot afschaffing van art. 344, tweede lid Sv?

De kantonrechter in Leeuwarden heeft op 16 mei jl. een 38-jarige inwoner van Leeuwarden vrijgesproken van een snelheidsovertreding. DE man werd verdacht de maximumsnelheid te hebben overschreden op de Overijsselseweg in Leeuwarden ter hoogte van  Goutum op 2 november 2012. Een politieambtenaar had een lasermeting uitgevoerd. In een op ambtseed opgemaakt proces-verbaal had deze politieman gerelateerd dat onze cliënt 135 km/u had gereden waar 80 km/h is toegestaan.

De vrijspraak door de rechter is opmerkelijk. Het bewijs dat een verdachte het ten laste gelegde feit heeft begaan, kan namelijk volgens de wet door de rechter worden aangenomen op basis van een op ambtseed opgemaakt proces-verbaal (artikel 344, tweede lid van het wetboek van strafvordering. Juist in kwesties als deze, een vermeende snelheidsoverschrijding, is er veelal geen ander bewijsmateriaal dan de constatering door één agent.

Lees verder:

Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF